Welke kosten verdwijnen en welke komen erbij na uw pensioen?

Met pensioen gaan verandert niet alleen hoe u uw dagen invult. Ook uw inkomsten en uitgaven krijgen een andere vorm. De reiskosten naar het werk verdwijnen misschien, maar u bent vaker thuis en gebruikt daardoor meer energie. U koopt minder werkkleding, maar heeft mogelijk meer tijd voor vakanties, hobby’s en uitstapjes.

Het korte antwoord is daarom: na uw pensioen worden sommige kosten lager, terwijl andere uitgaven juist stijgen. Hoe groot het verschil is, hangt vooral af van uw woning, gezondheid, vervoer, vrijetijdsbesteding en de hoogte van uw AOW en aanvullend pensioen.

Een goed pensioeninkomen betekent bovendien niet automatisch dat u iedere maand ruim uitkomt. Veel kosten komen niet maandelijks terug. Denk aan gemeentelijke belastingen, woningonderhoud, een nieuwe bril, tandartskosten, een vakantie of het vervangen van een auto.

Door vóór uw pensionering een realistische pensioenbegroting te maken, ziet u hoeveel u werkelijk nodig heeft om prettig te blijven leven.
 

Kort antwoord

Na uw pensioen verdwijnen vaak kosten voor woon-werkverkeer, pensioenpremie, werkkleding en zakelijke uitgaven. Daartegenover kunnen uitgaven voor energie, vrije tijd, zorg, hulp in huis, woningonderhoud en woningaanpassingen stijgen. De grootste vaste lasten, zoals wonen, boodschappen, verzekeringen en de zorgpremie, blijven meestal bestaan.

Een betrouwbare pensioenbegroting baseert u daarom niet op één algemeen percentage van uw laatste salaris, maar op uw eigen netto-inkomen, twaalf maanden aan uitgaven en een reserve voor kosten die pas later kunnen ontstaan.

samen kosten bekijken voor na pensioen aan tafel
 



 

Welke kosten veranderen na uw pensioen?

Onderstaande tabel geeft een eerste overzicht. Het is geen vaste regel. Uw persoonlijke situatie bepaalt welke kosten daadwerkelijk veranderen.
 

Overzicht van kosten die na pensionering kunnen dalen, gelijk blijven of stijgen
 

Kostenpost

Waarschijnlijke verandering

Waarom?

Woon-werkverkeer

Lager of verdwijnt

U hoeft niet meer dagelijks naar uw werk

Lunches en koffie op het werk

Lager

U eet vaker thuis

Werkkleding

Lager

Minder kleding nodig voor uw beroep

Pensioenpremie

Verdwijnt

U bouwt via uw werkgever geen nieuw pensioen meer op

Tweede auto

Mogelijk lager

Een tweede auto is soms niet meer nodig

Energieverbruik

Mogelijk hoger

U bent vaker thuis

Vakanties en uitstapjes

Mogelijk hoger

U heeft meer vrije tijd

Hobby’s en verenigingen

Mogelijk hoger

Meer tijd voor activiteiten

Zorgkosten

Kunnen stijgen

Meer kans op medicijnen, behandelingen en hulpmiddelen

Hulp in huis

Kan stijgen

Schoonmaak, tuinonderhoud of praktische ondersteuning

Woningonderhoud

Blijft of stijgt

Uw woning blijft onderhoud nodig hebben

Woningaanpassingen

Kunnen ontstaan

Meer comfort en veiligheid in huis

Boodschappen

Blijven ongeveer gelijk

Wellicht vaker thuis eten, maar minder lunches buiten de deur

Belastingen en verzekeringen

Blijven grotendeels bestaan

Deze stoppen niet wanneer u met pensioen gaat

Begin niet bij de kosten, maar bij uw pensioeninkomen

Voordat u uw uitgaven bekijkt, moet u weten hoeveel inkomen u na pensionering ontvangt. Uw inkomen kan uit meerdere onderdelen bestaan:

  • AOW;
  • pensioen via een of meer werkgevers;
  • een lijfrente of particuliere pensioenverzekering;
  • spaargeld of beleggingen;
  • inkomsten uit werk na uw pensioen;
  • inkomsten uit verhuur;
  • toeslagen;
  • inkomen van uw partner.

 

De AOW is het basispensioen van de overheid. Daarnaast hebben veel mensen een aanvullend pensioen via een werkgever. Op Mijnpensioenoverzicht.nl kunt u zien hoeveel AOW en werkgeverspensioen u naar verwachting ontvangt.

Wilt u eerst de basis op één plek bekijken? In ons AOW-overzicht vindt u uitleg over de AOW-leeftijd, bedragen, betaaldagen, aanvragen en loonheffingskorting. Denkt u erover om na de AOW-leeftijd te blijven werken? Lees dan ook wat werken naast uw AOW kan betekenen voor belasting en toeslagen.

Bekijk daarnaast de actuele AOW-bedragen voor 2026. De hoogte van uw AOW hangt onder meer af van uw woonsituatie. Een alleenstaande ontvangt een ander bedrag dan iemand die getrouwd is of samenwoont. De bedragen worden ieder half jaar aangepast.
 

Kijk naar het nettobedrag

Een bruto pensioenbedrag zegt nog niet hoeveel u werkelijk kunt uitgeven. Van uw AOW en aanvullend pensioen kunnen onder meer worden ingehouden:

  • loonheffing;
  • een inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet;
  • eventuele verrekeningen;
  • belasting over meerdere inkomens gezamenlijk.

 

Heeft u AOW en meerdere kleinere pensioenen? Dan kan er gedurende het jaar te veel of juist te weinig belasting worden ingehouden. De verschillende pensioenuitvoerders weten namelijk niet hoeveel u bij andere instanties ontvangt. Controleer daarom na uw pensionering zorgvuldig uw belastingaangifte en voorlopige aanslag.
 

Welke kosten verdwijnen of worden lager na uw pensioen?
 

1. Woon-werkverkeer

Voor veel mensen is woon-werkverkeer een van de duidelijkste kosten die verdwijnt.

Denk aan:

  • benzine;
  • parkeerkosten;
  • trein- of busabonnement;
  • onderhoud door veel kilometers;
  • zakelijke kilometers die niet volledig werden vergoed;
  • koffie of eten onderweg.

 

Reed u iedere werkdag 40 kilometer, dan kan het stoppen met werken honderden kilometers per maand schelen. Ook slijten banden en andere auto-onderdelen minder snel.

Houd er rekening mee dat uw privégebruik van de auto juist kan toenemen. U heeft meer tijd om familie te bezoeken, boodschappen te doen en uitstapjes te maken.
 

2. Een tweede auto

Veel huishoudens hebben tijdens hun werkzame leven twee auto’s nodig. Na pensionering is dat niet altijd meer noodzakelijk.

Het wegdoen van een tweede auto kan veel besparen op:

  • verzekering;
  • wegenbelasting;
  • onderhoud;
  • APK;
  • brandstof;
  • afschrijving;
  • parkeren.

 

Bereken wel eerst of u beiden voldoende mobiel blijft. Woont u buiten een dorp of stad met beperkt openbaar vervoer, dan kan één auto praktische beperkingen geven.
 

3. Lunches, koffie en maaltijden buiten de deur

Een broodje in de bedrijfskantine, koffie op het station of een afhaalmaaltijd na een lange werkdag lijkt per keer niet duur. Opgeteld kan het om een aanzienlijk maandbedrag gaan.

Na uw pensioen eet u waarschijnlijk vaker thuis. Daardoor worden uitgaven aan eten onderweg meestal lager.

Daar staat tegenover dat u mogelijk vaker gaat lunchen met vrienden of een terrasje bezoekt. Het verschil hangt dus sterk af van hoe u uw vrije tijd invult.


4. Werkkleding en verzorging

Afhankelijk van uw beroep gaf u mogelijk geld uit aan:

  • pakken of representatieve kleding;
  • werkschoenen;
  • veiligheidskleding;
  • stomerij;
  • regelmatige bezoeken aan de kapper;
  • make-up of andere verzorgingsproducten;
  • tassen en accessoires voor het werk.

 

Deze kosten verdwijnen meestal niet volledig, maar kunnen wel lager worden.
 

5. Pensioenpremie

Tijdens uw werkzame leven wordt vaak pensioenpremie op uw salaris ingehouden. Na uw pensionering ontvangt u pensioen in plaats van dat u via uw werkgever verder pensioen opbouwt.

De pensioenpremie verdwijnt daardoor van uw maandelijkse uitgaven. Tegelijkertijd valt uw salaris weg en ontvangt u AOW en pensioen. Kijk daarom altijd naar het totale verschil tussen uw laatste nettoloon en uw eerste volledige pensioeninkomen.
 

6. Beroepsverenigingen en zakelijke abonnementen

Mogelijk betaalt u nu voor:

  • een vakbond;
  • beroepsvereniging;
  • vakliteratuur;
  • zakelijke software;
  • opleidingen;
  • netwerkbijeenkomsten;
  • een zakelijke telefoon;
  • een thuiswerkplek.

 

Controleer welke abonnementen u na pensionering werkelijk wilt behouden. Sommige verenigingen bieden een goedkoper tarief voor gepensioneerde leden.

Een vast moment om uw contracten na te lopen kan veel opleveren. Gebruik eventueel ons overzicht met praktische stappen voor abonnementen opzeggen.
 

7. Sparen voor uw pensioen

Tijdens uw werkzame leven zet u mogelijk iedere maand geld opzij voor later. Denk aan een lijfrente, belegging of extra pensioenrekening.

Na pensionering stopt deze maandelijkse inleg vaak. Uw spaardoel verandert dan van vermogen opbouwen naar het verantwoord gebruiken van uw inkomen en reserves.

Blijf wel sparen voor onverwachte uitgaven, onderhoud en grotere vervangingen. Een pensioenbuffer blijft belangrijk, ook wanneer u niet meer voor uw pensioen hoeft te sparen.
 

8. Kosten voor thuiswerken

Werkt u regelmatig thuis, dan heeft u mogelijk uitgaven aan:

  • extra apparatuur;
  • printers en cartridges;
  • bureaustoelen;
  • zakelijke software;
  • kantoorartikelen;
  • zakelijke telefonie.

 

Deze kosten kunnen na pensionering lager worden. Uw energierekening hoeft echter niet automatisch te dalen, omdat u juist vaker thuis bent.
 

Welke kosten blijven gewoon bestaan?

Een veelgemaakte denkfout is dat de maandlasten sterk dalen zodra u stopt met werken. De grootste vaste lasten blijven meestal bestaan.

Denk aan:

  • huur of hypotheek;
  • energie en water;
  • zorgverzekering voor ouderen;
  • gemeentelijke belastingen;
  • verzekeringen;
  • boodschappen;
  • internet en telefonie;
  • auto;
  • onderhoud van de woning;
  • abonnementen;
  • huisdieren;
  • persoonlijke verzorging.

 

Heeft u een hypotheek die bijna is afgelost? Dan kunnen uw woonlasten rond uw pensionering dalen. Maar ook een hypotheekvrije woning is niet kosteloos. U betaalt nog steeds onderhoud, verzekeringen, belastingen en energiekosten.

Lees ook wat langer thuis wonen kost en met welke toekomstige woonuitgaven u rekening kunt houden.
 

Welke kosten kunnen juist stijgen na uw pensioen?
 

1. Energie en water

Na pensionering bent u vaak meer uren per dag thuis. De verwarming staat mogelijk langer aan en u gebruikt vaker verlichting, keukenapparatuur, televisie en computer.

Ook uw watergebruik kan toenemen doordat u:

  • vaker thuis koffie en thee zet;
  • meer thuis kookt;
  • overdag vaker het toilet gebruikt;
  • meer tijd aan tuin of huishouden besteedt.

 

Het verschil hoeft niet groot te zijn, maar het is verstandig om niet automatisch uit te gaan van dezelfde energiekosten als tijdens uw werkzame leven.
 

2. Vakanties, dagjes uit en vrije tijd

Meer vrije tijd is een van de grote voordelen van pensionering. Die vrije tijd kan echter geld kosten.

Denk aan:

  • vakanties;
  • weekendjes weg;
  • museumbezoek;
  • terras en restaurants;
  • golf, fietsen of wandelen;
  • theater en concerten;
  • een caravan, camper of boot;
  • cursussen;
  • hobbybenodigdheden;
  • lidmaatschappen.

 

Sommige mensen geven in de eerste pensioenjaren juist meer uit dan daarvoor. Ze voelen zich gezond, hebben tijd en willen langgekoesterde plannen uitvoeren.

Dit wordt soms de actieve pensioenfase genoemd. Later kunnen de uitgaven aan reizen afnemen, terwijl zorg, vervoer en hulp in huis juist duurder worden.
 

3. Hobby’s en verenigingen

Een nieuwe hobby brengt soms eenmalige én terugkerende kosten mee.

Voorbeelden:

  • aanschaf van een elektrische fiets;
  • contributie van een sportvereniging;
  • schildermaterialen;
  • gereedschap;
  • muzieklessen;
  • fotografieapparatuur;
  • tuinieren;
  • deelname aan cursussen.

 

Maak daarom binnen uw pensioenbegroting een apart vrijetijdsbudget. Zo kunt u van uw pensioen genieten zonder dat hobbykosten ongemerkt uw vaste lasten verdringen.
 

4. Zorgverzekering en eigen zorgkosten

Uw basisverzekering blijft verplicht. Daarnaast kunt u te maken krijgen met:

  • het verplichte eigen risico;
  • aanvullende verzekering;
  • eigen bijdragen;
  • medicijnen die niet volledig worden vergoed;
  • fysiotherapie;
  • tandarts;
  • brillen en contactlenzen;
  • hoortoestellen;
  • podotherapie;
  • vervoer naar het ziekenhuis.

 

Het verplichte eigen risico bedraagt in 2026 € 385. Huisartsenzorg valt niet onder het eigen risico, maar onder meer ziekenhuiszorg, veel medicijnen en ambulancevervoer meestal wel.

Bekijk daarnaast jaarlijks of uw dekking nog past bij uw gebruik. In onze uitleg over de zorgverzekering voor ouderen in 2026 leest u welke kosten vaak wel en niet worden vergoed.

Lees meer over de zorgkosten in 2026 en controleer of u recht heeft op zorgtoeslag. Een daling van uw inkomen kan betekenen dat u na pensionering wel recht krijgt op zorgtoeslag, terwijl dat tijdens uw werkzame leven niet zo was. De Rijksoverheid adviseert mensen die met pensioen gaan daarom ook te controleren of zij recht hebben op toeslagen.
 

5. Tandarts, bril en gehoor

Veel kosten die op latere leeftijd voorkomen, worden niet volledig vanuit de basisverzekering vergoed.

Reserveer daarom apart geld voor bijvoorbeeld:

  • tandartscontroles;
  • kronen of een kunstgebit;
  • een nieuwe bril;
  • gehoorapparatuur;
  • batterijen en onderhoud;
  • steunzolen;
  • niet-vergoede fysiotherapie.

 

Deze uitgaven zijn vaak onregelmatig. Wanneer u alleen naar uw gemiddelde maandelijkse zorgkosten kijkt, kunt u de werkelijke kosten onderschatten.
 

6. Hulp in het huishouden

Taken zoals ramen wassen, zwaar schoonmaakwerk en bedden verschonen kunnen op termijn meer moeite kosten. Misschien wilt u deze taken uitbesteden voordat ze lichamelijk te zwaar worden.

De kosten hangen af van:

  • het aantal uren hulp;
  • het uurtarief;
  • particuliere hulp of ondersteuning via de gemeente;
  • uw eigen bijdrage;
  • de frequentie.

 

Lees waar u op moet letten bij het inhuren van hulp in de huishouding.

Heeft u ondersteuning nodig om zelfstandig thuis te blijven wonen? Controleer dan ook welke vergoedingen en regelingen mogelijk zijn.
 

7. Tuinonderhoud en klussen

Een tuin geeft veel plezier, maar kan ook steeds meer werk vragen. Mogelijk besteedt u later werkzaamheden uit, zoals:

  • heggen snoeien;
  • bomen onderhouden;
  • gras maaien;
  • onkruid verwijderen;
  • dakgoten schoonmaken;
  • schilderwerk;
  • kleine reparaties.

 

Ook zonder tuin blijft een woning onderhoud nodig hebben. Maak daarom onderscheid tussen dagelijks onderhoud en grotere uitgaven die eens in de zoveel jaar terugkomen.
 

8. Woningaanpassingen

Een prettige woning hoeft niet direct volledig te worden verbouwd. Toch kunnen aanpassingen op termijn bijdragen aan meer comfort, gemak en veiligheid.

Denk aan:

  • betere verlichting;
  • stevige trapleuningen;
  • drempels verwijderen;
  • antislip in de badkamer;
  • een verhoogd toilet;
  • inloopdouche;
  • traplift;
  • slaapkamer op de begane grond;
  • automatische verlichting;
  • personenalarmering.

 

Deze kosten ontstaan niet bij iedereen en ook niet direct na pensionering. Het is wel verstandig om er tijdig een reserve voor op te bouwen.

Wilt u uw huis stap voor stap comfortabeler maken, bekijk dan hoe u een levensloopbestendige woning realiseert. Voor bepaalde ondersteuning kunt u mogelijk een beroep doen op de Wmo. Betaalt u de aanpassing zelf, vergelijk dan ook de mogelijkheden om een verbouwing te financieren.

Een badkamer hoeft niet altijd volledig te worden vervangen. Bekijk bijvoorbeeld deze tips om de badkamer met een klein budget aan te passen.
 

9. Vervoer wanneer autorijden minder vanzelfsprekend wordt

In de eerste jaren na pensionering rijdt u misschien minder woon-werkkilometers. Later kunnen andere vervoerskosten ontstaan.

Denk aan:

  • taxi;
  • openbaar vervoer;
  • regiotaxi;
  • deeltaxi;
  • maaltijd- of boodschappenbezorging;
  • onderhoud van een elektrische fiets;
  • scootmobiel;
  • vervoer naar ziekenhuis of fysiotherapeut.

 

Houd er rekening mee dat kortingen en vergoedingen kunnen veranderen. Baseer uw pensioenbegroting daarom niet volledig op tijdelijke kortingsregelingen.
 

10. Hulp bij administratie en digitale zaken

Bankzaken, belastingaangifte, verzekeringen en overheidszaken verlopen steeds vaker digitaal. Mogelijk schakelt u op termijn hulp in voor:

  • belastingaangifte;
  • financiële administratie;
  • computerproblemen;
  • beveiliging van apparaten;
  • testament of levenstestament;
  • bewind of financieel beheer.

 

Niet iedereen krijgt met deze kosten te maken. Toch is het verstandig om belangrijke documenten, machtigingen en contactpersonen tijdig te organiseren.
 

11. Schenkingen en ondersteuning van kinderen

Sommige gepensioneerden willen kinderen of kleinkinderen financieel ondersteunen. Denk aan:

  • studiekosten;
  • een bijdrage aan een woning;
  • kinderopvang;
  • cadeaus;
  • gezamenlijke vakanties;
  • periodieke schenkingen.

 

Schenken kan veel voldoening geven, maar doe dit alleen met geld dat u op lange termijn kunt missen. Houd eerst voldoende reserve voor uw eigen wonen, zorg, onderhoud en dagelijkse uitgaven.
 

12. Kosten wanneer één partner overlijdt

Bij het overlijden van een partner verandert de financiële situatie vaak ingrijpend. Bepaalde kosten worden lager, maar veel vaste lasten blijven grotendeels gelijk.

Een alleenstaande betaalt nog steeds voor:

  • huur of hypotheek;
  • energie;
  • internet;
  • gemeentelijke lasten;
  • onderhoud;
  • verzekeringen;
  • een auto.

 

Tegelijkertijd verandert het inkomen. De AOW voor een alleenstaande is hoger dan het bedrag per persoon voor samenwonenden, maar een aanvullend partnerpensioen kan afwijken van het pensioen dat de overleden partner zelf ontving. De actuele AOW-bedragen verschillen daarom per woonsituatie.

Maak bij uw pensioenplanning niet alleen een begroting voor samen, maar ook een vereenvoudigd scenario waarin één van u alleen verder moet.
 

Verandert de belasting na uw pensionering?

Na pensionering ontvangt u meestal geen loon meer, maar AOW en pensioen. Daardoor kan ook de belastingheffing veranderen.

Lees voor een breder overzicht ook wat er met uw belasting verandert wanneer u de AOW-leeftijd bereikt. Afhankelijk van uw inkomen kunt u bovendien recht hebben op ouderenkorting.
 

Let vooral op de volgende punten:
 

Arbeidskorting kan verdwijnen

Arbeidskorting is gekoppeld aan inkomen uit werk. Stopt u volledig met werken, dan heeft u geen of minder arbeidsinkomen en kan deze korting geheel of gedeeltelijk verdwijnen. De Belastingdienst maakt onderscheid tussen de algemene heffingskorting, arbeidskorting en kortingen voor AOW-gerechtigden.
 

Meerdere inkomens kunnen een naheffing veroorzaken

Ontvangt u AOW en pensioen van meerdere uitvoerders? Iedere instantie houdt afzonderlijk belasting in. Daardoor kan over het totale inkomen te weinig belasting zijn betaald.

Pas loonheffingskorting in principe niet zonder controle bij meerdere uitkeringen tegelijk toe. Controleer dit bij de Belastingdienst of laat een proefberekening maken.
 

U kunt mogelijk zorgkosten aftrekken

Bepaalde zorgkosten die u niet vergoed krijgt, kunnen onder voorwaarden aftrekbaar zijn. Wanneer uw inkomen na pensionering daalt, kan ook de inkomensafhankelijke drempel voor aftrekbare zorgkosten veranderen.

Bewaar daarom rekeningen van niet-vergoede zorgkosten en controleer jaarlijks welke uitgaven aftrekbaar zijn.
 

Veranderen uw toeslagen na pensionering?

Toeslagen zijn afhankelijk van uw inkomen, vermogen en persoonlijke situatie. Daalt uw inkomen na pensionering, dan kunt u mogelijk recht krijgen op:

  • zorgtoeslag;
  • huurtoeslag;
  • andere inkomensafhankelijke regelingen.

 

Ontvangt u al toeslagen? Pas uw geschatte jaarinkomen dan aan zodra uw salaris stopt en uw pensioen ingaat. Zo verkleint u de kans dat u later geld moet terugbetalen.

Huurt u een woning? Controleer dan ook uw huurtoeslag wanneer uw inkomen of huur verandert.
 

Hoe veranderen uw uitgaven gedurende uw pensioen?

Uw pensioen is geen periode waarin uw uitgaven ieder jaar hetzelfde blijven. Globaal zijn er drie fasen te herkennen.
 

Mogelijke veranderingen in uitgaven tijdens verschillende pensioenfasen

Pensioenfase

Mogelijke uitgaven

Eerste actieve jaren

Meer reizen, hobby’s, uit eten en uitstapjes

Rustigere middenfase

Minder verre reizen, meer uitgaven aan woning en comfort

Latere fase

Mogelijk meer zorg, vervoer, hulp in huis en woningaanpassingen


Dit verloop geldt niet voor iedereen. Sommige mensen reizen tot op hoge leeftijd, terwijl anderen al vroeg extra ondersteuning nodig hebben.

Het belangrijkste is dat u niet alleen kijkt naar wat u volgend jaar nodig heeft. Denk ook na over uw woning en dagelijkse gemak over tien of twintig jaar.
 

Voorbeeld: welke kosten kunnen dalen en stijgen?

Onderstaand voorbeeld is fictief en uitsluitend bedoeld om te laten zien hoe een pensioenbegroting kan veranderen.
 

Situatie vóór pensionering

Een echtpaar heeft twee inkomens en twee auto’s. Beiden werken meerdere dagen per week.
 

Fictief voorbeeld van geselecteerde maandelijkse kosten vóór pensionering

Kostenpost

Per maand

Woon-werkverkeer en parkeren

€ 300

Tweede auto

€ 325

Lunches en koffie op het werk

€ 180

Werkkleding en zakelijke uitgaven

€ 100

Vakanties en vrije tijd

€ 300

Energie

€ 200

Hulp en onderhoud

€ 100

Zorgkosten buiten premie

€ 75

Totaal geselecteerde kosten

€ 1.580


Situatie na pensionering

Het echtpaar doet één auto weg en heeft geen woon-werkverkeer meer. Het reist wel vaker en besteedt meer aan hobby’s.
 

Fictief voorbeeld van geselecteerde maandelijkse kosten na pensionering

Kostenpost

Per maand

Woon-werkverkeer en parkeren

€ 0

Tweede auto

€ 0

Lunches en koffie op het werk

€ 40

Werkkleding en zakelijke uitgaven

€ 20

Vakanties en vrije tijd

€ 600

Energie

€ 240

Hulp en onderhoud

€ 175

Zorgkosten buiten premie

€ 125

Totaal geselecteerde kosten

€ 1.200


In dit voorbeeld dalen de geselecteerde uitgaven met € 380 per maand. Toch zijn de kosten voor vrije tijd, energie, hulp en zorg gestegen.

Bij een ander huishouden kan de uitkomst volledig anders zijn. Wie al thuiswerkte, één auto had en weinig zakelijke uitgaven maakte, bespaart na pensionering mogelijk veel minder.
 

Maak geen begroting op basis van één maand

Veel grote uitgaven komen slechts eenmaal per jaar of eens in de paar jaar terug.

Voorbeelden:

  • gemeentelijke belastingen;
  • verzekeringspremies;
  • vakantie;
  • onderhoudsbeurt auto;
  • APK;
  • tandarts;
  • bril;
  • schilderwerk;
  • vervanging cv-ketel of warmtepomp;
  • reparatie van huishoudelijke apparaten;
  • contributies;
  • cadeaus en feestdagen.

 

Bekijk daarom minimaal twaalf maanden aan bankafschriften. Tel alle jaarlijkse uitgaven bij elkaar op en deel het totaal door twaalf.

Betaalt u bijvoorbeeld ieder jaar € 1.200 aan onderhoud, belastingen en verzekeringen die niet maandelijks worden afgeschreven? Reserveer dan gemiddeld € 100 per maand.
 

Zo maakt u een realistische pensioenbegroting

Een pensioenbegroting is een overzicht van uw verwachte netto-inkomen, vaste lasten, dagelijkse uitgaven, vrije tijd en maandelijkse reserveringen na pensionering. Het doel is niet om iedere euro vooraf vast te zetten, maar om te zien hoeveel ruimte u heeft en welke toekomstige kosten u kunt opvangen.
 

Stap 1: bereken uw netto-inkomen

Noteer per maand:

  • netto AOW;
  • netto aanvullend pensioen;
  • lijfrente;
  • toeslagen;
  • inkomsten uit werk;
  • overige inkomsten.

 

Gebruik niet alleen een bruto pensioenindicatie.
 

Stap 2: verzamel twaalf maanden bankafschriften

Gebruik een volledig jaar, zodat ook vakanties, belastingen, onderhoud en feestdagen zijn meegenomen.

 

Stap 3: verdeel uw uitgaven in vier groepen

Maak onderscheid tussen:

  1. vaste lasten;
  2. dagelijkse uitgaven;
  3. vrije tijd;
  4. reserveringen.

 

Stap 4: markeer welke kosten veranderen

Gebruik drie labels:

  • verdwijnt;
  • blijft;
  • stijgt mogelijk.

 

Ga niet uit van algemene gemiddelden. Kijk naar uw werkelijke leven.

 

Stap 5: voeg toekomstige kosten toe

Reserveer alvast voor:

  • woningonderhoud;
  • zorgkosten;
  • vervanging van de auto;
  • hulp in huis;
  • bril en tandarts;
  • woningaanpassingen;
  • onverwachte uitgaven.

 

Stap 6: maak een begroting voor verschillende situaties

Maak minimaal drie versies:

  • uw normale pensioenbegroting;
  • een ruimere actieve pensioenfase;
  • een scenario met extra zorg of hulp in huis.

 

Woont u samen? Maak ook een begroting voor de situatie waarin één inkomen wegvalt.
 

Stap 7: test uw begroting vóór pensionering

Probeer zes maanden te leven van het verwachte netto pensioeninkomen. Zet het verschil met uw huidige inkomen apart.

Zo ontdekt u op tijd of de begroting haalbaar is en bouwt u tegelijkertijd een extra buffer op.
 

Hoe groot moet uw pensioenbuffer zijn?

Er bestaat geen bedrag dat voor iedereen voldoende is. Een huurder heeft andere risico’s dan een woningeigenaar. Iemand met een nieuwe, onderhoudsarme woning heeft mogelijk minder reserve nodig dan iemand met een oud huis.

Uw buffer kan onder meer nodig zijn voor:

  • onverwachte zorgkosten;
  • vervanging van huishoudelijke apparaten;
  • autopech;
  • onderhoud aan de woning;
  • eigen risico;
  • tandarts;
  • familieomstandigheden;
  • een verhuizing;
  • woningaanpassingen.

 

Heeft u veel overwaarde maar weinig vrij spaargeld? Dan kunt u onderzoeken of u de overwaarde verantwoord kunt gebruiken. Lees daarvoor eerst hoe een opeethypotheek werkt en welke risico’s en kosten daarbij horen.

Gebruik overwaarde niet als vervanging voor een normale maandbegroting. Het opnemen van overwaarde is een financiële beslissing die gevolgen kan hebben voor uw woonlasten, vermogen en nalatenschap.

Blijkt uw woning op termijn te groot of te kostbaar in onderhoud, dan kan het zinvol zijn om ook de kosten van verhuizen naar een seniorvriendelijke woning te vergelijken met aanpassen en blijven wonen.
 

Waar kunt u besparen zonder minder prettig te leven?

Besparen na pensionering hoeft niet te betekenen dat u alle leuke dingen schrapt. De grootste winst zit vaak in uitgaven die weinig bijdragen aan uw dagelijks leven.


Controleer bijvoorbeeld:

  • heeft u nog twee auto’s nodig?
  • gebruikt u alle streamingdiensten?
  • zijn oude verzekeringen nog nodig?
  • heeft u dubbele telefoon- of internetabonnementen?
  • betaalt u nog voor zakelijke diensten?
  • gebruikt u alle lidmaatschappen?
  • past uw zorgverzekering nog bij uw zorggebruik?
  • kunt u energie besparen zonder wooncomfort te verliezen?
  • kunt u onderhoud combineren en vooruit plannen?
  • kunt u goedkoper reizen buiten de drukke perioden?

 

Snijd niet als eerste in sociale activiteiten, beweging of gezonde voeding. Deze uitgaven dragen bij aan een prettig en actief dagelijks leven.
 

Checklist: financiële voorbereiding op uw pensioen

☐ Ik weet hoeveel netto AOW ik ontvang.

☐ Ik heb al mijn aanvullend pensioenen bekeken.

☐ Ik heb gecontroleerd wanneer mijn AOW en pensioen ingaan.

☐ Ik heb twaalf maanden bankafschriften bekeken.

☐ Ik weet welke werkkosten verdwijnen.

☐ Ik heb rekening gehouden met hogere energiekosten.

☐ Ik heb een realistisch budget voor vakanties en hobby’s.

☐ Ik reserveer geld voor zorg, tandarts en een bril.

☐ Ik reserveer voor woningonderhoud.

☐ Ik heb toekomstige hulp in huis meegenomen.

☐ Ik heb gecontroleerd of ik recht krijg op zorgtoeslag.

☐ Ik heb bij een huurwoning mijn huurtoeslag gecontroleerd.

☐ Ik heb rekening gehouden met belasting over meerdere pensioenen.

☐ Ik heb een noodbuffer.

☐ Ik heb een begroting gemaakt voor de situatie waarin één partner alleen komt te staan.

☐ Ik controleer mijn begroting ieder jaar opnieuw.

Veelgestelde vragen over kosten na uw pensioen

Vaak wel, maar niet automatisch. Reiskosten en zakelijke uitgaven kunnen verdwijnen, terwijl kosten voor vrije tijd, energie, zorg en hulp juist kunnen toenemen. Uw woning en leefstijl bepalen uiteindelijk hoeveel u nodig heeft.

Er bestaat geen percentage dat voor iedereen passend is. Een veelgebruikte vuistregel kan een eerste indicatie geven, maar een persoonlijke begroting op basis van uw werkelijke uitgaven is betrouwbaarder.

Vooral woon-werkverkeer, pensioenpremie en bepaalde zakelijke uitgaven kunnen volledig verdwijnen. Werkkleding, lunches buiten de deur en een tweede auto worden vaak goedkoper, maar verdwijnen niet altijd.

Dat is mogelijk. U bent vaker thuis en gebruikt daardoor mogelijk meer verwarming, elektriciteit en water. Hoe groot het verschil is, hangt af van uw woning, energiezuinigheid en dagelijkse routine.

Dat hangt af van uw totale inkomen en leeftijd. Pensioeninkomen wordt anders samengesteld dan salaris en heffingskortingen kunnen veranderen. Bij meerdere pensioenen kan bovendien te veel of te weinig belasting worden ingehouden.

Dat kan. Wanneer uw inkomen daalt, kunt u mogelijk recht krijgen op zorgtoeslag. Ook uw vermogen en eventuele partnerinkomen spelen een rol. Maak na uw pensionering een nieuwe proefberekening.

Ja. Niet alle zorg valt volledig onder de basisverzekering. Reserveer geld voor het eigen risico, tandarts, bril, fysiotherapie, medicijnen en eventuele eigen bijdragen.

Dat hangt af van het type woning, de ouderdom en de staat van onderhoud. Maak een meerjarenplanning voor onder meer schilderwerk, dak, verwarming, badkamer en huishoudelijke apparaten.

Nee. U blijft kosten houden voor onderhoud, verzekeringen, gemeentelijke belastingen, energie en eventuele aanpassingen. Wel zijn uw maandelijkse woonlasten meestal lager wanneer u geen hypotheek meer heeft.

Dat kan onder voorwaarden, bijvoorbeeld door verhuizen of een verzilverhypotheek. Hieraan zijn kosten en risico’s verbonden. Laat vooraf berekenen wat dit betekent voor uw maandlasten en financiële ruimte.

Ja. Door enkele maanden te oefenen met uw verwachte pensioeninkomen ontdekt u of uw begroting realistisch is. Het verschil met uw huidige inkomen kunt u als extra buffer sparen.

Controleer uw begroting minimaal eenmaal per jaar en na grote veranderingen, zoals een verhuizing, overlijden van een partner, verandering van zorgkosten of aanpassing van uw pensioen.

Nieuwsbrief aanmelden

Over dit artikel

Geschreven door

Redactie LangerThuisinHuis.nl

Laatst gewijzigd op

LangerThuisinHuis.nl helpt ouderen en hun naasten met betrouwbare informatie, praktische tips en onafhankelijke uitleg over zelfstandig en veilig thuis wonen. We schrijven over woningaanpassingen, hulpmiddelen, zorg, geldzaken en prettig ouder worden thuis.

Inhoudelijk gecontroleerd door

Redactie LangerThuisinHuis.nl

Dit artikel is redactioneel gecontroleerd op duidelijkheid, actualiteit en praktische toepasbaarheid, met gebruik van erkende Nederlandse bronnen.

Nu te bestellen: De Langer Thuis in Huis Gids(100+ pagina’s)!

 Hoe maak ik mijn woning levensloopbestendig?

 Welke handige hulpmiddelen zijn er?

 Heb ik recht op vergoedingen?

 Hoe kan ik woningaanpassingen financieren?


Van € 19,99 voor maar € 14,99!

Lees meer

Het is een prachtige gids waar ik echt heel veel aan heb. Het was nog mooier dan ik verwacht had.

Mevr. Elmendorp (83 jaar)