Waarom wil de overheid dat we langer thuis blijven wonen?
Het is u vast niet ontgaan: de overheid stimuleert dat ouderen zo lang mogelijk zelfstandig thuis blijven wonen. Daar zijn meerdere redenen voor.
Steeds meer ouderen in Nederland
De groep ouderen groeit snel. Inmiddels is 1 op de 5 Nederlanders 65 jaar of ouder en het aantal 80-plussers verdubbelt de komende decennia. In 2050 zal Nederland ruim 1,6 miljoen 80-plussers tellen. Dat betekent dat er veel meer mensen zorg nodig hebben, terwijl het aantal zorgmedewerkers juist afneemt.
Tekort aan zorgplekken en personeel
De verpleeghuizen in Nederland hebben nu al te maken met lange wachtlijsten en personeelstekorten. Het is daarom simpelweg niet mogelijk om alle ouderen die zorg nodig hebben in een instelling te laten wonen. Door langer thuis te blijven, wordt de druk op de zorginstellingen verlicht.
Thuis wonen sluit aan bij wat mensen zelf willen
Gelukkig sluit dit beleid ook aan bij wat veel ouderen zelf wensen. Uit onderzoek blijkt dat de meeste mensen het liefst in hun eigen vertrouwde huis en buurt blijven wonen, zolang dat veilig en haalbaar is. Daar liggen vaak sociale contacten, gewoontes en een omgeving waar men zich prettig voelt.
Alleen bij een medische indicatie naar het verpleeghuis
Een plek in een verpleeghuis is tegenwoordig alleen mogelijk met een officiële medische indicatie via de Wet langdurige zorg (Wlz). Dat betekent dat opname alleen wordt toegewezen als er sprake is van zware, intensieve zorg. Eenzaamheid of een gevoel van onveiligheid is helaas geen reden voor plaatsing. Veel ouderen hebben daardoor geen keuze meer: zij móéten wel thuis blijven wonen en kijken welke ondersteuning er beschikbaar is.
De rol van mantelzorgers en de samenleving
Met het verdwijnen van de vroegere verzorgingshuizen wordt er meer gevraagd van de samenleving. Mantelzorgers – vaak partners, kinderen, buren of vrienden – spelen een steeds grotere rol. Samen met de huisarts en de wijkverpleegkundige vormen zij een belangrijke steun in de zorg thuis. Ook gemeenten worden via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) geacht hulp te bieden, bijvoorbeeld door woningaanpassingen, hulpmiddelen of huishoudelijke ondersteuning.
Praktisch advies: wat kunt u nu al doen?
- Ga tijdig in gesprek met uw gemeente: informeer bij het Wmo-loket welke voorzieningen er beschikbaar zijn, zoals een traplift, scootmobiel of hulp in het huishouden. Let erop dat een aanvraag vaak enkele maanden kan duren.
- Betrek uw naasten: bespreek met familie of buren welke hulp u eventueel kunt vragen. Dat kan variëren van boodschappen doen tot meegaan naar een doktersafspraak.
- Denk vooruit in uw woning: zijn er trappen, drempels of een badkamer die moeilijk toegankelijk worden? Kijk alvast naar eenvoudige aanpassingen die u stap voor stap kunt uitvoeren.
- Maak gebruik van technologie: alarmeringssystemen, vallsensoren en beeldbellen met uw huisarts maken het wonen thuis veiliger en geven ook uw familie rust.
Zoek contact met een mantelzorgorganisatie: via www.mantelzorg.nl kunt u informatie en ondersteuning vinden, bijvoorbeeld over respijtzorg (tijdelijke vervangende zorg voor mantelzorgers).