De meeste mensen moesten hun belastingaangifte over 2025 vóór 1 mei 2026 indienen. Heeft u nog geen aangifte gedaan, wilt u controleren of u iets bent vergeten of denkt u dat u geld kunt terugkrijgen? Dan is het verstandig om er alsnog naar te kijken.
Juist wanneer u AOW en één of meer pensioenen ontvangt, kunnen er verschillende bedragen, kortingen en aftrekposten samenkomen. Denk aan de ouderenkorting, aftrekbare zorgkosten en belasting die door de SVB of pensioenfondsen al is ingehouden.
Op deze pagina leest u wat bij de belastingaangifte 2025 voor senioren extra aandacht verdient en welke mogelijkheden u in 2026 nog heeft.
Wanneer moest de belastingaangifte over 2025 binnen zijn?
Voor de meeste mensen liep de reguliere aangifteperiode van 1 maart tot 1 mei 2026.
Had u vóór 1 mei 2026 uitstel aangevraagd en gekregen? Dan kreeg u normaal gesproken vier maanden extra tijd, tot 1 september 2026.
Heeft u nog geen aangifte gedaan terwijl dat wel moest? Wacht dan niet langer. De Belastingdienst adviseert om de aangifte zo snel mogelijk alsnog in te dienen. Daarmee verkleint u de kans op verdere problemen of een boete.
Staat in uw aangiftebrief een andere uiterste datum? Dan geldt de datum die in die brief staat.
Waarom belastingaangifte bij AOW en pensioen extra aandacht verdient
Na uw pensionering kunt u inkomen ontvangen van meerdere instanties. Bijvoorbeeld:
- AOW van de SVB;
- één of meerdere aanvullende pensioenen;
- een lijfrente-uitkering;
- inkomen uit werk;
- inkomsten uit sparen en beleggen.
Iedere instantie houdt afzonderlijk belasting in. Daardoor kan gedurende het jaar te veel óf te weinig belasting zijn ingehouden.
Vooral bij meerdere pensioenen komt het voor dat u na de aangifte nog moet bijbetalen. Lees hierover ook onze uitleg over AOW en pensioen: waarom moet u soms belasting bijbetalen?
Ouderenkorting in 2025: maximaal €2.035
Heeft u uiterlijk op 31 december 2025 de AOW-leeftijd bereikt? Dan kunt u recht hebben op de ouderenkorting.
In 2025 golden de volgende bedragen:
Verzamelinkomen 2025 | Ouderenkorting |
|---|---|
Tot en met €45.308 | €2.035 |
€45.309 t/m €58.875 | Wordt geleidelijk lager |
Vanaf €58.876 | €0 |
De ouderenkorting wordt in de belastingaangifte automatisch berekend aan de hand van uw totale verzamelinkomen. Het is wel verstandig om te controleren of uw gegevens volledig zijn ingevuld.
Wilt u weten welke kortingen in het huidige jaar gelden? Bekijk dan ons actuele overzicht van kortingen en toeslagen voor AOW'ers.
Alleenstaandeouderenkorting in 2025: €531
Naast de ouderenkorting bestaat de alleenstaandeouderenkorting. In 2025 bedroeg deze €531.
De naam kan verwarrend zijn. Alleen alleen wonen is niet voldoende. U krijgt deze korting in principe wanneer u in het betreffende jaar een AOW-uitkering voor een alleenstaande krijgt of daar recht op heeft.
Er zijn uitzonderingssituaties. Woont u bijvoorbeeld niet meer samen omdat u of uw partner in een verzorgings- of verpleeghuis verblijft, dan kunnen andere regels gelden.
Algemene heffingskorting voor AOW'ers
Ook wanneer u de AOW-leeftijd heeft bereikt, kunt u recht hebben op de algemene heffingskorting. Deze is voor AOW-gerechtigden lager dan voor mensen die de AOW-leeftijd nog niet hebben bereikt.
Had u gedurende heel 2025 de AOW-leeftijd bereikt, dan was de maximale algemene heffingskorting €1.536 bij een verzamelinkomen tot en met €28.406.
Boven dat inkomen werd de korting geleidelijk lager. Vanaf een verzamelinkomen van €76.818 was de algemene heffingskorting nihil.
Bereikte u pas gedurende 2025 de AOW-leeftijd? Dan geldt een aangepaste berekening.
Werkt u naast uw AOW? Denk aan de arbeidskorting
Werkt u nog naast uw AOW of pensioen? Dan kunt u over uw arbeidsinkomen recht hebben op arbeidskorting.
Voor mensen die gedurende heel 2025 de AOW-leeftijd hadden bereikt, kon de arbeidskorting oplopen tot maximaal €2.802.
AOW en pensioen zelf zijn geen arbeidsinkomen. De arbeidskorting heeft dus betrekking op inkomen dat u daadwerkelijk met werken verdient.
Zorgkosten aftrekken: hier gaat het vaak mis
Sommige zorgkosten die u in 2025 zelf heeft betaald, kunt u aftrekken als specifieke zorgkosten. Daar gelden wel strikte voorwaarden voor.
De belangrijkste regel is dat het moet gaan om kosten die voor de belasting aftrekbaar zijn en die niet al zijn vergoed.
Welke zorgkosten kunnen wel aftrekbaar zijn?
Voorbeelden zijn:
- tandarts, fysiotherapeut of specialist, voor zover de kosten aan de voorwaarden voldoen en niet zijn vergoed;
- voorgeschreven medicijnen, voor zover u de aftrekbare kosten zelf heeft betaald;
- bepaalde medische hulpmiddelen, zoals steunzolen, prothesen en onder voorwaarden een gehoorapparaat;
- vervoer naar een arts, ziekenhuis of apotheek onder de daarvoor geldende voorwaarden;
- een dieet op voorschrift van een arts of diëtist, als dit dieet op de officiële dieetlijst staat;
- extra gezinshulp vanwege ziekte of invaliditeit, onder voorwaarden;
- extra kleding en beddengoed door ziekte of invaliditeit, onder voorwaarden;
- reiskosten voor ziekenbezoek wanneer aan de voorwaarden wordt voldaan.
Welke kosten zijn niet aftrekbaar?
Niet iedere medische of praktische uitgave mag u aftrekken. Onder andere de volgende kosten zijn niet aftrekbaar:
- de premie voor uw zorgverzekering;
- het verplichte of vrijwillige eigen risico;
- wettelijke eigen bijdragen;
- een bril of contactlenzen;
- een rollator;
- een rolstoel of scootmobiel;
- een sta-op stoel;
- aanpassingen aan of rond uw woning.
Dat laatste is belangrijk. Een woningaanpassing kan soms via bijvoorbeeld de Wmo worden vergoed, maar is daarmee niet automatisch een aftrekpost voor de inkomstenbelasting.
Alleen zorgkosten boven de drempel zijn aftrekbaar
U kunt niet automatisch alle aftrekbare zorgkosten van uw inkomen aftrekken. Er geldt een drempelbedrag.
Hoe hoog die drempel is, hangt onder andere af van uw drempelinkomen en van de vraag of u een fiscale partner heeft.
Doet u online aangifte? Dan berekent de Belastingdienst het drempelbedrag en de uiteindelijke aftrek automatisch nadat u de juiste zorgkosten heeft ingevuld.
Bewaar daarom uw facturen, betalingsbewijzen en eventuele verklaringen van een arts of diëtist.
Heeft u weinig belasting betaald? Aangifte kan toch zinvol zijn
Ook als u weinig of geen inkomstenbelasting betaalt, kan het zinvol zijn om aftrekbare zorgkosten in uw aangifte op te nemen.
In bepaalde situaties kan namelijk automatisch worden bekeken of u recht heeft op een tegemoetkoming specifieke zorgkosten.
Laat zorgkosten dus niet automatisch weg omdat u denkt dat uw inkomen daarvoor te laag is.
Controleer uw AOW en pensioen op de jaaropgaven
Controleer tijdens de aangifte altijd de bedragen op uw jaaropgaven. Denk daarbij aan:
- de jaaropgave van de SVB voor uw AOW;
- jaaropgaven van ieder pensioenfonds;
- eventuele jaaropgaven van een werkgever;
- jaaropgaven van lijfrentes of andere uitkeringen.
Let vooral op het bruto inkomen en de al ingehouden loonheffing.
Heeft u meerdere pensioeninkomens? Dan kan de afzonderlijk ingehouden belasting uiteindelijk niet precies aansluiten bij de belasting over uw totale inkomen.
Vergeet uw zorgtoeslag over 2025 niet
Belastingaangifte en toeslagen zijn twee verschillende zaken, maar uw uiteindelijke inkomen is voor beide belangrijk.
Voor zorgtoeslag over 2025 golden de volgende maximale toetsingsinkomens:
Situatie | Maximaal toetsingsinkomen 2025 |
|---|---|
Zonder toeslagpartner | €39.719 |
Met toeslagpartner | €50.206 gezamenlijk |
Ook uw vermogen telde mee. Op 1 januari 2025 mocht uw vermogen voor de zorgtoeslag maximaal:
- €141.896 zijn zonder toeslagpartner;
- €179.429 gezamenlijk zijn met een toeslagpartner.
Had u een laag inkomen, dan kon de zorgtoeslag over 2025 oplopen tot ongeveer €131 per maand voor een alleenstaande.
Goed om te weten: zorgtoeslag over 2025 kunt u in 2026 nog aanvragen tot en met 31 december 2026. Heeft u niets ontvangen omdat u dacht dat uw inkomen of vermogen te hoog was? Controleer dit dan alsnog.
Lees ook onze uitgebreide uitleg over zorgtoeslag voor ouderen.
Ook huurtoeslag over 2025 kunt u nog controleren
Voor huurtoeslag gold in 2025 nog een maximale huurgrens. Voor huishoudens met minstens één bewoner van 23 jaar of ouder was deze €900,07 per maand.
Daarnaast mocht uw vermogen op 1 januari 2025 niet hoger zijn dan:
- €37.395 zonder toeslagpartner;
- €74.790 gezamenlijk met een toeslagpartner.
Ook medebewoners konden invloed hebben op het recht op huurtoeslag.
Huurtoeslag over 2025 kunt u eveneens nog tot en met 31 december 2026 aanvragen als u aan de voorwaarden voldoet.
Let op: vanaf 2026 zijn de regels voor huurtoeslag veranderd. Zo geldt vanaf 2026 geen maximale huurprijs meer als toegangseis voor huurtoeslag. Lees daarom voor uw huidige situatie ook onze uitleg over huurtoeslag in 2026.
Deze documenten heeft u nodig voor uw belastingaangifte
Wilt u uw aangifte nog doen of controleren? Leg dan in ieder geval het volgende klaar:
- uw DigiD;
- jaaropgave van de SVB;
- jaaropgaven van uw pensioenfondsen;
- jaaropgaven van eventuele werkgevers of andere uitkeringsinstanties;
- bank- en beleggingsgegevens;
- WOZ-gegevens als u een eigen woning heeft;
- gegevens over een hypotheek;
- facturen en betaalbewijzen van mogelijke aftrekbare zorgkosten;
- gegevens over giften en andere mogelijke aftrekposten.
Controleer altijd de vooraf ingevulde aangifte
Veel informatie staat al vooraf ingevuld in Mijn Belastingdienst. Dat betekent niet dat u alles zonder controle kunt overnemen.
Controleer bijvoorbeeld:
- of al uw pensioeninkomsten zijn opgenomen;
- of de ingehouden loonheffing klopt;
- of bank- en vermogensgegevens volledig zijn;
- of mogelijke aftrekbare zorgkosten ontbreken;
- of uw fiscale partner correct is verwerkt;
- of u recht heeft op de ouderenkorting en eventueel de alleenstaandeouderenkorting.
Let extra op bij meerdere pensioenen
Ontvangt u naast uw AOW meerdere pensioenen? Dan is het verstandig extra goed naar de uitkomst van de aangifte te kijken.
Iedere pensioenuitvoerder kijkt bij het inhouden van belasting namelijk naar de uitkering die hij zelf betaalt. De uiteindelijke inkomstenbelasting wordt echter berekend over uw totale inkomen.
Daardoor kunt u ondanks een correcte loonheffing per pensioenfonds na afloop van het jaar toch moeten bijbetalen.
Meer hierover leest u in AOW en pensioen: waarom moet u soms belasting bijbetalen?.
Belastingaangifte laten doen of hulp krijgen
Komt u er zelf niet goed uit? Vraag dan hulp. Zeker bij meerdere pensioenen, hoge zorgkosten, vermogen of een verandering in uw persoonlijke situatie kan dat prettig zijn.
U kunt onder andere terecht bij:
- de Belastingdienst;
- een belastingadviseur;
- lokale belastinghulp of formulierenhulp;
- bibliotheken die hulp bieden bij digitale overheidszaken;
- ouderenorganisaties die belastinghulp aanbieden.
Laat iemand anders digitaal aangifte voor u doen? Geef uw eigen DigiD nooit aan iemand anders. Hiervoor kunt u een officiële DigiD-machtiging regelen.
Pas op voor berichten uit naam van de Belastingdienst
Rond de aangifteperiode zijn er regelmatig valse e-mails, sms-berichten en betaalverzoeken in omloop.
Klik niet zomaar op een betaallink in een bericht. Twijfelt u of een brief, e-mail of bericht echt is? Ga dan zelf naar de website van de Belastingdienst of log rechtstreeks in op Mijn Belastingdienst.
Tot slot
Bij de belastingaangifte over 2025 is het voor AOW-gerechtigden vooral belangrijk om niet alleen naar de vooraf ingevulde bedragen te kijken. Controleer uw AOW, alle pensioeninkomsten, de ingehouden belasting en mogelijke aftrekbare zorgkosten.
Heeft u de aangifte over 2025 nog niet gedaan terwijl dat wel moest? Doe dit dan zo snel mogelijk. En controleer meteen uw toeslagen. Zorgtoeslag en huurtoeslag over 2025 kunnen nog tot en met 31 december 2026 worden aangevraagd.