Betaalt u iedere maand servicekosten voor uw huurwoning? Dan is het verstandig om uw afrekening eens goed te bekijken. Vanaf 1 januari 2027 gelden nieuwe regels voor wat verhuurders aan servicekosten mogen rekenen. Vooral voor huurders van appartementen en seniorencomplexen kan dat interessant zijn. Want moet u eigenlijk betalen voor de huismeester, het schoonmaken van de ramen of het onderhoud van de lift? En wat als u al jaren in dezelfde woning woont?
Een fijne huurwoning is meer dan alleen uw eigen voordeur. Misschien heeft uw appartementencomplex een mooie gezamenlijke tuin, een nette entree of een huismeester die een oogje in het zeil houdt.
Dat zijn prettige voorzieningen. Maar daar hangt soms ook een prijskaartje aan.
Naast de kale huur betalen veel huurders maandelijks enkele tientjes of meer aan servicekosten. Vaak wordt dat bedrag automatisch afgeschreven, zonder dat bewoners precies weten waar het geld naartoe gaat.
Met de Wet modernisering servicekosten, die op 1 januari 2027 ingaat, moet duidelijker worden welke kosten verhuurders mogen doorberekenen en hoe zij die kosten moeten verdelen.
Er komen acht wettelijk vastgelegde soorten servicekosten. Ook krijgen huurders meer mogelijkheden om de afrekening te laten controleren.
Let op: niet alle nieuwe regels gelden automatisch voor bestaande huurcontracten. De datum waarop u uw huurcontract heeft ondertekend, is bepalend.
Wat zijn servicekosten eigenlijk?
Servicekosten zijn bedragen die u boven op de kale huur betaalt voor afgesproken diensten en voorzieningen die met uw woning te maken hebben.
Denk bijvoorbeeld aan het schoonmaken van de gezamenlijke hal, elektriciteit voor de verlichting in het trappenhuis of bepaalde werkzaamheden van een huismeester.
Woont u in een appartement, dan staan deze kosten meestal apart vermeld in uw huurcontract of op het maandelijkse huuroverzicht.
Een voorbeeld:
Kostenpost | Bedrag per maand |
|---|---|
Kale huur | €750 |
Schoonmaak gezamenlijke ruimtes | €20 |
Verlichting en elektriciteit algemene ruimtes | €12 |
Huismeester | €25 |
Overige afgesproken servicekosten | €13 |
Totale maandbetaling | €820 |
Dit is een fictief voorbeeld. De bedragen verschillen per woning en complex.
In dit geval betaalt u €750 kale huur en €70 aan servicekosten.
Die €70 staat niet zomaar vast. Meestal gaat het om een voorschot.
Aan het einde van het jaar moet uw verhuurder laten zien wat de werkelijke kosten waren en hoeveel u al heeft betaald.
Blijkt dat u te veel heeft betaald? Dan krijgt u geld terug. Waren de werkelijke kosten hoger, dan moet u mogelijk bijbetalen.
Wat verandert er op 1 januari 2027?
De belangrijkste verandering is dat de wet duidelijker afbakent welke kosten als servicekosten mogen worden berekend.
Voor nieuwe huurcontracten geldt vanaf 2027 een lijst met acht toegestane soorten servicekosten.
Daarnaast komen er duidelijkere regels voor het berekenen en verdelen van deze kosten.
Voor huurders wordt het ook makkelijker om bepaalde geschillen aan de Huurcommissie voor te leggen.
Dit zijn de belangrijkste veranderingen:
Onderwerp | Wat verandert er in 2027? |
|---|---|
Toegestane servicekosten | Bij nieuwe contracten nog acht wettelijk vastgelegde soorten |
Berekening van kosten | Nieuwe rekenregels voor nieuwe contracten; op bepaalde onderdelen ook aangepast beleid voor bestaande contracten |
Jaarafrekening | Strengere gevolgen wanneer een verhuurder geen goede afrekening verstrekt |
Gezamenlijk bezwaar | Vanaf twee huurders samen mogelijk |
Voorschot laten controleren | Ruimere toetsing voor nieuwe huurcontracten |
Bestaande huurcontracten | De nieuwe lijst geldt niet automatisch; enkele andere veranderingen wel |
Vooral dat laatste punt verdient aandacht.
Heeft u al jaren dezelfde huurwoning? Dan gelden niet automatisch alle nieuwe regels
Stel dat u sinds 2018 in een seniorenappartement woont.
Uw huurcontract is dus ruim vóór 1 januari 2027 ondertekend.
In dat geval blijft het bestaande wettelijke kader voor de toegestane servicekosten in beginsel van toepassing.
Dat betekent dat uw verhuurder niet automatisch verplicht is om vanaf 2027 alle kosten volgens de nieuwe lijst en rekenregels te berekenen.
Wel kunt u samen met uw verhuurder afspreken dat de nieuwe regels voortaan ook voor uw bestaande contract gelden.
Daarvoor is uw uitdrukkelijke instemming nodig.
Daarnaast gaan sommige veranderingen bij de Huurcommissie ook gelden voor bestaande huurders, zoals de mogelijkheid om met twee huurders samen een procedure te starten.
Bij bepaalde kosten, waaronder nutsvoorzieningen, verandert bovendien het beoordelingsbeleid.
Wat als u in 2027 verhuist?
Ondertekent u op of na 1 januari 2027 een nieuw huurcontract, dan zijn de nieuwe wettelijke regels van toepassing.
Dat kan ook wanneer u verhuist naar een ander appartement binnen hetzelfde complex.
Controleer bij zo'n verhuizing daarom niet alleen de kale huur, maar ook het volledige overzicht van de servicekosten.
Welke acht servicekosten mag een verhuurder vanaf 2027 rekenen?
Voor nieuwe huurcontracten mogen verhuurders alleen servicekosten doorberekenen die onder een van acht wettelijke categorieën vallen.
Hieronder ziet u welke dat zijn.
Soort servicekosten | Voorbeelden |
|---|---|
1. Warmte en koude | Collectieve verwarming, warm water en koeling |
2. Elektriciteit, gas en water | Energie en water die de verhuurder doorlevert |
3. Roerende zaken | Meubels, gordijnen en losse apparatuur |
4. Kleine herstellingen | Bepaalde schoonmaakwerkzaamheden, klein onderhoud en tuinonderhoud |
5. Toezicht, beveiliging en vuil | Huismeester, bepaalde beveiligingsdiensten en afvalverwerking |
6. Signaallevering | Televisie, internet of de alarmtelefoon in een lift |
7. Verzekeringen en fondsen | Bepaalde verzekeringen voor geleverde spullen en toegestane onderhoudsfondsen |
8. Administratiekosten | Het opstellen en verdelen van de jaarlijkse servicekostenafrekening |
Dat een kostenpost in een van deze categorieën past, betekent nog niet dat iedere verhuurder hem zomaar mag rekenen.
De dienst moet zijn afgesproken, de kosten moeten redelijk zijn en de verhuurder moet kunnen uitleggen hoe het bedrag is berekend.
Kosten die niet onder een van deze acht categorieën vallen, mogen bij nieuwe huurcontracten niet als gewone servicekosten worden doorberekend.
1. Kosten voor de huismeester: u hoeft niet alles te betalen
In veel appartementencomplexen is een huismeester aanwezig.
Misschien zorgt die ervoor dat de entree netjes blijft, spreekt hij bezoekers aan of helpt hij bij kleine dagelijkse problemen.
Dat is prettig, vooral wanneer u in een groter gebouw woont.
Maar wist u dat niet alle werkzaamheden van een huismeester voor rekening van de huurders komen?
Een huismeester verricht vaak ook werkzaamheden die in het belang van de verhuurder zijn.
Daarom maakt de Huurcommissie onderscheid tussen beide soorten werkzaamheden.
Hoe worden deze kosten verdeeld?
De Huurcommissie gebruikt in beginsel de volgende verdeling:
- 70% van de kosten voor de huurders.
- 30% van de kosten voor de verhuurder.
Dit is een uitgangspunt, geen onveranderlijk percentage.
Wanneer uit de werkzaamheden blijkt dat de huismeester meer of juist minder tijd aan huurderszaken besteedt, kan de verdeling anders uitvallen.
Voor 2027 en 2028 hanteert de Huurcommissie bovendien een maximaal redelijk uurtarief van €42 bij de beoordeling van huismeesterkosten.
Een voorbeeld
Stel dat een huismeester in een maand €2.000 aan werkzaamheden verricht en de standaardverdeling van 70/30 passend is.
Dan komt €1.400 voor rekening van de huurders en €600 voor rekening van de verhuurder.
Woont u in een complex met 20 woningen die allemaal in gelijke mate bijdragen, dan komt dit neer op €70 per woning voor die maand.
Dat is alleen een rekenvoorbeeld. In de praktijk kunnen de gemaakte kosten, werkzaamheden en verdeling verschillen.
Controleer dus niet alleen hoeveel u voor de huismeester betaalt, maar ook welke werkzaamheden daarvoor worden uitgevoerd.
Bij de beoordeling verduidelijkt de Huurcommissie eveneens dat kosten voor een mobiele applicatie van de huismeester niet aan huurders mogen worden doorberekend.
2. Ramen wassen: niet iedere rekening mag nog worden doorgestuurd
Woont u op de derde of vierde verdieping?
Dan kan het prettig zijn wanneer uw verhuurder de ramen laat wassen.
Zelf kunt u immers niet altijd veilig bij de buitenkant van het glas.
Toch veranderen juist voor deze werkzaamheden de regels bij nieuwe huurcontracten.
Wat verandert er voor onbereikbare ramen?
Bij nieuwe huurcontracten mag de verhuurder geen servicekosten rekenen voor het wassen van ramen die de huurder niet zelf kan bereiken.
Ook de kosten om zulke ramen bereikbaar te maken, mogen dan niet als servicekosten worden doorberekend.
Voor bestaande huurcontracten geldt op dit punt ander beleid.
Daar kunnen arbeidskosten voor het wassen van oorspronkelijk onbereikbare ramen onder voorwaarden nog wel worden doorberekend wanneer de verhuurder die ramen bereikbaar maakt, bijvoorbeeld met een hoogwerker.
Dit verschil kan binnen één appartementencomplex betekenen dat bewoners met een oud en een nieuw huurcontract niet precies dezelfde servicekosten betalen.
3. Liftkosten: moet u meebetalen als u de lift nooit gebruikt?
Dit is een vraag die in appartementencomplexen regelmatig voorkomt.
Misschien woont u op de begane grond en heeft u een eigen voordeur aan de straat.
Waarom zou u dan meebetalen aan bepaalde kosten voor een lift op de derde verdieping?
Het antwoord hangt af van welke kosten het betreft én van uw huurcontract.
Onderhoud van de lift
Groot en regulier onderhoud aan de lift is in beginsel een verantwoordelijkheid van de verhuurder.
Dat hoort niet zomaar als servicekosten bij huurders terecht te komen.
Kosten voor elektriciteit die de lift gebruikt en voor bepaalde aanvullende diensten kunnen wel anders worden behandeld.
Alarmtelefoon in de lift
Voor nieuwe huurcontracten bepaalt de regeling dat de kosten van de alarmtelefoon in de lift gelijk worden verdeeld over woningen waarvoor de lift beschikbaar is.
Het gaat dus niet om hoe vaak u de lift daadwerkelijk gebruikt.
Bij bestaande huurcontracten blijft het eerdere beleid van de Huurcommissie gelden. Daar kan een huurder die geen gebruik van de lift hoeft te maken onder omstandigheden buiten deze kostenverdeling blijven.
Heeft u een eigen ingang op de begane grond? Vraag dan gerust welke liftkosten u betaalt en waarom.
4. Beveiligingscamera's: een deel blijft voor rekening van de verhuurder
In sommige wooncomplexen hangen beveiligingscamera's bij de entree, fietsenstalling of gezamenlijke parkeerruimte.
De vraag is welk deel van die kosten huurders moeten betalen.
Voor roerende beveiligingscamera's geldt bij nieuwe huurcontracten dat maximaal 50% van de kosten aan huurders mag worden doorberekend.
Voor bestaande huurcontracten blijft de Huurcommissie uitgaan van maximaal 70%.
Het gaat hierbij specifiek om roerende camera's. Bij andere installaties kan de juridische beoordeling anders zijn.
Ook voor bepaalde roerende brandbeveiligingsmiddelen geldt een maximale doorberekening van 50%, zowel bij nieuwe als bestaande contracten.
Hierdoor is het verstandig om bij een post als 'beveiliging' te vragen welke voorzieningen daar precies onder vallen.
5. Pakketkluizen: maximaal €2 per maand
Steeds meer appartementencomplexen hebben een gezamenlijke pakketkluis.
Handig wanneer u niet thuis bent en toch een pakketje verwacht.
Vanaf 2027 verduidelijkt de Huurcommissie de regels voor dit soort voorzieningen.
Voor een roerende pakketkluis die uitsluitend beschikbaar is voor huurders, geldt een maximale bijdrage van €2 per huurder per maand.
Die grens geldt volgens het nieuwe beoordelingsbeleid zowel voor bestaande als nieuwe huurcontracten.
Het is daarbij belangrijk dat de voorziening alleen voor de huurders beschikbaar is.
Een openbare pakketkluis waarvan ook andere buurtbewoners gebruik kunnen maken, valt niet op dezelfde manier onder deze servicekosten.
Betaalt u voor een pakketkluis in uw complex? Dan kunt u de bijdrage dus eenvoudig controleren.
6. Administratiekosten: ook hier komen duidelijke grenzen
Op uw servicekostenafrekening staat mogelijk een bedrag voor administratiekosten.
Daarmee betaalt u mee aan werkzaamheden zoals het verwerken van kosten, het opstellen van de jaarafrekening en het verdelen van bedragen over bewoners.
Voor nieuwe huurcontracten worden deze kosten vanaf 2027 duidelijker begrensd.
De Huurcommissie noemt:
Soort kosten | Maximumpercentage |
|---|---|
Warmte, koude, gas, water en elektriciteit | 2% |
Overige servicekosten | 5% |
Daarnaast geldt voor nieuwe huurcontracten een minimum van €7,50 en een maximum van €75 per kalenderjaar per woning voor de totale administratiekosten.
Ook wanneer u bijvoorbeeld een aparte afrekening krijgt voor stookkosten, geldt het totale maximum.
Let op dubbele administratiekosten
Sommige verhuurders laten meterstanden en verwarmingskosten berekenen door een gespecialiseerd bedrijf.
Bij nieuwe huurcontracten mogen de kosten voor dat soort administratieve verwerking niet nog eens als een afzonderlijke extra post bovenop de administratiekosten worden doorberekend.
Die werkzaamheden vallen onder de administratiekosten.
Ontvangt u verschillende afrekeningen? Kijk dan goed of niet meerdere keren dezelfde werkzaamheden worden berekend.
7. Een 24-uursservice of onderhoudsabonnement: niet altijd toegestaan
Sommige verhuurders rekenen kosten voor een algemene storingsdienst die dag en nacht bereikbaar is.
Vanaf 2027 mogen de kosten voor een 24-uursservice bij nieuwe huurcontracten niet meer als servicekosten worden doorberekend.
Bij bestaande huurcontracten kan zo'n vergoeding onder voorwaarden nog mogelijk zijn.
De verhuurder moet dan wel aantonen dat daadwerkelijk kosten zijn gemaakt en wat de dienst heeft gekost.
Ook worden de regels voor algemene ontstoppingscontracten bij nieuwe huurcontracten strenger.
Werkelijk uitgevoerde kleine herstelwerkzaamheden waarvoor de huurder verantwoordelijk is, kunnen onder voorwaarden wel worden doorberekend.
Dat onderscheid is belangrijk: een algemene beschikbaarheidsdienst is niet hetzelfde als een reparatie die daadwerkelijk is uitgevoerd.
8. Verzekeringen en onderhoudsfondsen: controleer waarvoor u betaalt
Op sommige afrekeningen staan bedragen voor een glasverzekering, ontstoppingsfonds of onderhoudsfonds.
Bij nieuwe huurcontracten mogen verzekeringskosten alleen onder de servicekosten vallen als het gaat om een toegestane inboedelverzekering voor roerende zaken die de verhuurder aan de huurder beschikbaar stelt.
Een gewone glasverzekering mag bij nieuwe contracten niet meer als servicekosten worden doorberekend.
Een glasfonds kan onder voorwaarden wel mogelijk zijn.
Bij bestaande huurcontracten verandert ook het beoordelingsbeleid voor bepaalde glasverzekeringen.
Voor fondsen geldt bovendien dat ze bedoeld moeten zijn voor kosten die volgens de regels daadwerkelijk voor rekening van de huurder komen.
Een verhuurder moet inzicht geven in de opbouw en besteding van zo'n fonds.
Bij nieuwe huurcontracten geldt een maximale maandelijkse bijdrage van €6 voor een fonds. Ook zijn er grenzen aan hoeveel geld in het fonds mag worden opgebouwd.
Betaalt u al jarenlang een bedrag aan een onderhoudsfonds zonder ooit een overzicht te ontvangen? Vraag dan waar het geld aan wordt besteed.
Welke kosten mogen niet zomaar onder servicekosten vallen?
Niet alles wat bij een appartementencomplex hoort, mag aan huurders worden doorberekend.
Een verhuurder heeft ook eigen verantwoordelijkheden.
Kostenpost | Waar moet u op letten? |
|---|---|
Groot onderhoud aan het gebouw | Is in beginsel voor de verhuurder |
Regulier onderhoud van de lift | Hoort doorgaans niet bij de servicekosten |
Buitenschilderwerk | Verantwoordelijkheid van de verhuurder |
Fitnessruimte of zwembad | Gebruik hiervan valt niet onder de acht gewone servicekostencategorieën |
Werkzaamheden uitsluitend voor de verhuurder | Mogen niet als huurdersdienst worden doorberekend |
Dubbele kosten | Een dienst mag niet zowel via de kale huur als via servicekosten worden betaald |
Bij bijvoorbeeld een fitnessruimte of zwembad kan sprake zijn van andere, afzonderlijke afspraken. Dat maakt zulke voorzieningen nog geen gewone servicekosten onder de nieuwe regeling.
De kern is eenvoudig: u mag niet twee keer betalen voor hetzelfde en een verhuurder mag via servicekosten geen winst maken op de geleverde diensten.
Woont u in een seniorencomplex of serviceflat? Let dan extra op
Veel seniorenappartementen hebben gemeenschappelijke voorzieningen.
Denk aan een ontmoetingsruimte, een huismeester, een gezamenlijke tuin, een alarmvoorziening of een ruimte waar bewoners samen koffie kunnen drinken.
Die voorzieningen maken het wonen vaak plezieriger.
Maar juist omdat er meer diensten beschikbaar zijn, is het verstandig om goed naar de maandelijkse kosten te kijken.
Niet alle diensten zijn gewone servicekosten
Sommige complexen bieden ook extra diensten, zoals een maaltijdservice, georganiseerde activiteiten, huishoudelijke ondersteuning of persoonlijke alarmering.
De betaling daarvoor kan juridisch anders geregeld zijn dan de gewone servicekosten van de huurwoning.
Het kan bijvoorbeeld gaan om een afzonderlijke overeenkomst met een dienstverlener.
Daarom is het verstandig om onderscheid te maken tussen:
- De kale huur van uw appartement.
- De gewone servicekosten voor het gebouw.
- De kosten voor eventuele aanvullende dienstverlening.
Vraag bij onduidelijkheid om een gespecificeerd overzicht en kijk in welke overeenkomst de dienst staat.
Zo weet u waarvoor u betaalt en welke regels erop van toepassing zijn.
Meer informatie over verschillende woonvormen vindt u in ons artikel over seniorenwoningen en onze uitleg over verhuizen naar een seniorvriendelijke woning.
Krijgt u geld terug als uw servicekosten te hoog zijn?
Dat kan.
Servicekosten zijn meestal voorschotten.
Uw verhuurder moet na afloop van het kalenderjaar laten zien welke werkelijke kosten zijn gemaakt.
Stel dat u maandelijks €80 aan servicekosten betaalt.
Over een heel jaar is dat:
12 × €80 = €960.
Na afloop van het jaar blijkt dat uw aandeel in de werkelijke kosten €840 bedraagt.
Dan heeft u €120 te veel betaald.
Dat bedrag hoort de verhuurder met u te verrekenen.
Zijn de werkelijke kosten juist hoger dan het betaalde voorschot? Dan kan een bijbetaling volgen, mits de kosten terecht zijn berekend.
Een hogere rekening is niet automatisch onjuist
De schoonmaakkosten kunnen bijvoorbeeld zijn gestegen of er is meer elektriciteit gebruikt in de gezamenlijke ruimtes.
Dat kan verklaren waarom de kosten hoger zijn geworden.
Maar de verhuurder moet de kosten wel kunnen onderbouwen en op een juiste manier verdelen.
U hoeft een hogere rekening dus niet zonder uitleg te accepteren.
Wanneer moet u de jaarafrekening ontvangen?
Uw verhuurder moet de servicekosten elk jaar afrekenen.
De afrekening over een kalenderjaar moet uiterlijk op 30 juni van het volgende jaar worden verstrekt.
Voor de komende jaren betekent dit:
Kosten over het jaar | Uiterlijk afrekenen | Laatste datum voor verzoek over jaarafrekening bij Huurcommissie |
|---|---|---|
2024 | 30 juni 2025 | 30 juni 2027 |
2025 | 30 juni 2026 | 30 juni 2028 |
2026 | 30 juni 2027 | 30 juni 2029 |
2027 | 30 juni 2028 | 30 juni 2030 |
De termijnen zijn gebaseerd op de wettelijke indieningstermijn. Voor een geldige procedure moet u daarnaast de toepasselijke stappen en voorwaarden volgen.
Heeft u nog geen afrekening over 2025 ontvangen? Dan had u die normaal gesproken uiterlijk op 30 juni 2026 moeten krijgen.
U kunt daar nu al om vragen.
Belangrijk is ook dat een afrekening over 2026 niet ineens volledig volgens de nieuwe kostenlijst van 2027 wordt beoordeeld. Voor oudere afrekenjaren blijven in beginsel de toen geldende regels relevant.
Wat als de verhuurder geen afrekening geeft?
Vanaf 1 januari 2027 verandert er iets belangrijks bij de Huurcommissie.
Wanneer een verhuurder geen goede jaarafrekening verstrekt, kan de Huurcommissie wettelijke normbedragen gebruiken om de servicekosten vast te stellen.
Die bedragen kunnen laag zijn.
In bepaalde gevallen kan de Huurcommissie de verschuldigde servicekosten zelfs op €0 vaststellen.
Betekent dit dat u geen servicekosten meer hoeft te betalen?
Nee.
Het bedrag wordt niet automatisch €0 wanneer u geen afrekening ontvangt.
Er moet eerst worden beoordeeld wat er aan de hand is en welke regels van toepassing zijn.
De Huurcommissie kan de verhuurder bovendien eerst de gelegenheid geven om een ontbrekende of onjuiste afrekening te herstellen.
Pas daarna kan zij de wettelijke normbedragen toepassen.
Stop daarom niet op eigen initiatief met betalen.
Vraag eerst schriftelijk om een correcte afrekening en zoek zo nodig hulp bij de Huurcommissie of een huurdersorganisatie.
Vanaf 2027 kunt u samen met één buur een zaak starten
Misschien herkent u dit.
U heeft vragen over de servicekosten, maar uw buurvrouw ontvangt precies dezelfde onduidelijke afrekening.
Of meerdere bewoners vinden de kosten voor de huismeester opvallend hoog.
Vanaf 1 januari 2027 wordt het eenvoudiger om gezamenlijk een zaak bij de Huurcommissie te starten.
Twee huurders kunnen dan al samen een collectief verzoek indienen.
Voorheen golden strengere voorwaarden voor zulke gezamenlijke procedures.
Dit kan vooral interessant zijn in appartementencomplexen, omdat bewoners vaak voor dezelfde diensten betalen.
U hoeft dus niet te wachten tot een groot deel van het gebouw meedoet.
Er komt een formulier voor collectieve verzoeken in MijnHuurcommissie.
Kunt u ook uw maandelijkse voorschot laten controleren?
Ja, maar er is een belangrijk verschil tussen nieuwe en bestaande huurcontracten.
Bij nieuwe huurcontracten vanaf 1 januari 2027 kunnen huurders het voorschot voor alle acht soorten servicekosten door de Huurcommissie laten toetsen.
Bij oudere contracten is die mogelijkheid beperkter. Daar gaat het in beginsel om het voorschot voor gas, elektriciteit en water wanneer sprake is van een individuele meter.
Heeft u een bestaand contract en twijfelt u aan uw maandelijkse voorschot? Controleer daarom eerst welke toetsingsmogelijkheden bij uw contract horen.
De uiteindelijke jaarafrekening kan vaak afzonderlijk worden beoordeeld.
Heeft u een huurwoning in de vrije sector? Dit zijn uw mogelijkheden
Ook mensen in een vrije-sectorwoning kunnen in bepaalde situaties naar de Huurcommissie.
Maar de datum van het huurcontract speelt opnieuw een belangrijke rol.
Heeft u een huurcontract uit de vrije sector dat op of na 1 juli 2024 is afgesloten? Dan kan de Huurcommissie bij geschillen over de servicekosten in beginsel een bindende uitspraak doen.
Bij een vrije-sectorcontract van vóór 1 juli 2024 ligt dat anders.
Dan kan de Huurcommissie alleen een advies uitbrengen wanneer huurder en verhuurder schriftelijk zijn overeengekomen dat zij het geschil mogen voorleggen.
Dat is een belangrijk onderscheid, zeker wanneer u al jarenlang een appartement in de vrije sector huurt.
Servicekosten en huurtoeslag: wat verandert er?
Ontvangt u huurtoeslag?
Dan is er nog een ander belangrijk punt om rekening mee te houden.
Sinds 1 januari 2026 tellen servicekosten niet meer mee bij de berekening van de huurtoeslag.
Dienst Toeslagen gaat uit van de kale huurprijs.
Dat betekent dat een stijging van de servicekosten niet automatisch leidt tot een hogere huurtoeslag.
Stel dat uw kale huur €750 bedraagt en u €100 aan servicekosten betaalt.
Dan is uw totale maandbetaling €850.
Voor de berekening van de huurtoeslag wordt sinds 2026 echter uitgegaan van de kale huur van €750, met toepassing van de overige voorwaarden.
Hoeveel huurtoeslag u werkelijk krijgt, hangt onder andere af van uw inkomen, vermogen en huishouden.
Meer hierover leest u in ons artikel Huurprijs veranderd? Controleer uw huurtoeslag.
Zo controleert u of uw servicekosten kloppen
U hoeft geen jurist of financieel deskundige te zijn om uw afrekening te bekijken.
Met een paar eenvoudige stappen kunt u al veel duidelijkheid krijgen.
Stap 1. Pak uw huurcontract erbij
Zoek op welke servicekosten u met de verhuurder heeft afgesproken.
Kijk ook naar de datum waarop u het contract heeft ondertekend.
Die bepaalt mede welke regels in 2027 voor u gelden.
Stap 2. Vergelijk het voorschot met de jaarafrekening
Bereken hoeveel u in totaal heeft betaald.
Vergelijk dat bedrag met de werkelijke kosten die de verhuurder opgeeft.
Stap 3. Controleer de kostenposten
Staat er een bedrag voor de huismeester, glasbewassing, lift of beveiliging?
Kijk dan of duidelijk is waar de kosten voor zijn gemaakt.
Stap 4. Vraag hoe de kosten zijn verdeeld
In een appartementencomplex worden veel kosten gedeeld.
Vraag hoeveel woningen meebetalen en welke verdeelsleutel is gebruikt.
Bij nieuwe contracten gelden vanaf 2027 hiervoor specifiekere regels.
Stap 5. Vraag om onderliggende facturen
U mag de verhuurder vragen om inzage in de documenten waarop de afrekening is gebaseerd.
Dat is vooral nuttig bij opvallende stijgingen.
Stap 6. Maak schriftelijk bezwaar als iets niet klopt
Stuur een duidelijke e-mail waarin u uitlegt over welke kostenpost u vragen heeft.
Vraag om een specificatie of correctie.
Stap 7. Schakel zo nodig de Huurcommissie in
Komt u er samen niet uit?
Dan kunt u, als uw situatie onder haar bevoegdheid valt, de Huurcommissie inschakelen.
Wat kost een procedure bij de Huurcommissie?
In oktober 2026 betaalt een huurder normaal gesproken €25 om een procedure te starten.
Wordt u in het gelijk gesteld, dan kunt u de betaalde kosten terugkrijgen.
Bij een minimuminkomen of inkomen op bijstandsniveau is onder voorwaarden vrijstelling mogelijk.
Controleer altijd de actuele procedurekosten en voorwaarden voordat u een verzoek indient.
De Huurcommissie kan de redelijkheid van de servicekosten beoordelen en de juiste betalingsverplichting vaststellen.
Komt daaruit dat u te veel heeft betaald? Dan moet u het bedrag zo nodig zelf bij uw verhuurder terugvragen.
Checklist: controleer uw servicekosten vóór 2027
Zoek uw huurcontract op en controleer de ondertekeningsdatum.
Bekijk hoeveel u maandelijks aan servicekosten betaalt.
Zoek de laatste jaarafrekening erbij.
Controleer of alle kostenposten duidelijk zijn omschreven.
Bekijk of u betaalt voor huismeester, lift, glasbewassing of beveiliging.
Controleer hoe gezamenlijke kosten worden verdeeld.
Vraag bij twijfel om de onderliggende facturen.
Controleer of u de afrekening over 2025 heeft ontvangen.
Vraag schriftelijk om uitleg wanneer bedragen niet kloppen.
Overleg eventueel met andere bewoners van uw complex.
Controleer bij een nieuw huurcontract in 2027 welke diensten precies zijn inbegrepen.
Tot slot: een kleine controle kan veel duidelijkheid geven
Een prettige huurwoning heeft soms voorzieningen waar u graag gebruik van maakt. Een schone entree, een gezamenlijke tuin of een behulpzame huismeester kan het wonen een stuk aangenamer maken.
Daar mag een redelijke vergoeding tegenover staan.
Maar u moet wel kunnen begrijpen waarvoor u betaalt.
Vanaf 2027 maken nieuwe regels duidelijker welke servicekosten verhuurders mogen berekenen. Ook wordt het voor huurders eenvoudiger om bepaalde kosten gezamenlijk te laten controleren.
Woont u al jaren in hetzelfde appartement? Dan blijven veel bestaande afspraken gelden, maar krijgt u op sommige punten wel nieuwe mogelijkheden.
Het belangrijkste advies is daarom eenvoudig: pak uw laatste servicekostenafrekening erbij en kijk welke bedragen u eigenlijk betaalt. Dat geeft inzicht in uw woonlasten en voorkomt dat onduidelijke kosten jarenlang ongemerkt blijven staan.