Mondgezondheid na uw 65e: droge mond, gebit en mondproblemen herkennen

Een boterham die steeds moeilijker weggaat. ’s Nachts een glas water naast het bed omdat uw mond zo droog aanvoelt. Een kunstgebit dat ineens minder prettig zit. Of eten dat minder smaak lijkt te hebben.

Het zijn klachten die gemakkelijk worden afgedaan als iets wat nu eenmaal bij het ouder worden hoort. Toch is dat lang niet altijd zo.

Een gezonde mond helpt u niet alleen om goed te kunnen eten. U gebruikt uw mond de hele dag om te praten, te proeven, te slikken en te lachen. Problemen met tanden, tandvlees, speeksel of een kunstgebit kunnen daarom behoorlijk veel invloed hebben op uw dagelijks leven.

Vooral een droge mond verdient aandacht. Medicijnen zijn een veelvoorkomende oorzaak en juist op latere leeftijd gebruiken veel mensen meerdere geneesmiddelen tegelijk.

In Nederland hebben naar schatting ruim 300.000 thuiswonende kwetsbare ouderen een matige tot slechte mondgezondheid. Klachten lopen uiteen van een droge mond en tandvleesproblemen tot pijn, moeite met kauwen en een slecht passend kunstgebit.
 

In het kort

  • Een droge mond hoort niet automatisch bij ouder worden. Medicijnen, te weinig drinken en aandoeningen kunnen een rol spelen.
  • Mondproblemen kunnen invloed hebben op kauwen, slikken, smaak, voeding en het draagcomfort van een kunstgebit.
  • Blijvende klachten zoals een droge mond, bloedend tandvlees, pijn, slecht passende prothese of slikproblemen verdienen aandacht.
  • Bespreek klachten afhankelijk van de oorzaak met tandarts, mondhygiënist, tandprotheticus, apotheker of huisarts.


Mondgezondheid ouderen

Het goede nieuws is dat veel problemen vroeg te herkennen zijn. En vaak kunt u zelf al het nodige doen om uw mond prettig en gezond te houden.
 

Een gezonde mond is meer dan een goed gebit

Bij mondgezondheid denken we al snel aan gaatjes en een bezoek aan de tandarts. Maar een gezonde mond gaat over veel meer.

U wilt bijvoorbeeld:

  • zonder pijn kunnen eten;
  • voedsel goed kunnen kauwen;
  • gemakkelijk kunnen slikken;
  • goed kunnen proeven;
  • zonder problemen praten;
  • geen voortdurend droge of branderige mond hebben;
  • een kunstgebit comfortabel kunnen dragen;
  • zonder onzekerheid kunnen lachen of met anderen praten.

 

Juist deze dagelijkse dingen bepalen hoeveel last u werkelijk van een mondprobleem heeft.

Een klein probleem kan daardoor een groter effect hebben dan u misschien verwacht. Wanneer kauwen pijn doet, gaat u bijvoorbeeld zachter of minder eten. Wanneer uw kunstgebit loszit, vermijdt u mogelijk bepaalde voedingsmiddelen. En wanneer u voortdurend een droge mond of slechte adem heeft, kunt u zich daar in gezelschap onzeker over voelen.

Mondgezondheid hoort daarom bij prettig en vitaal ouder worden.
 


Voordelige uitvaartverzekering afsluiten? Bereken uw premie! 
 

Mondgezondheid bij ouderen: wat verandert er na uw 65e?

Uw mond verandert in de loop van uw leven, maar veel klachten zijn niet simpelweg het onvermijdelijke gevolg van ouder worden.

Dat geldt in het bijzonder voor speeksel.

Bij gezond ouder worden kunnen de speekselklieren in principe goed blijven functioneren. Een droge mond komt bij ouderen wel vaker voor, maar dat heeft vaak te maken met andere factoren die op hogere leeftijd vaker voorkomen.

Denk aan:

  • medicijnen;
  • meerdere medicijnen tegelijkertijd;
  • onvoldoende drinken;
  • bepaalde aandoeningen;
  • bestraling van hoofd of hals;
  • ademhalen door de mond;
  • problemen met tanden of tandvlees;
  • een kunstgebit dat niet meer goed past;
  • minder makkelijk zelf de mond kunnen verzorgen.

 

Het is daarom verstandig om nieuwe mondklachten niet meteen aan uw leeftijd toe te schrijven.
 

Droge mond bij ouderen komt veel voor

Een droge mond is een van de belangrijkste mondklachten op latere leeftijd.

De medische term voor het gevoel van een droge mond is xerostomie. Soms maakt iemand daadwerkelijk minder speeksel aan. Dat wordt hyposialie genoemd.

Die twee zijn niet precies hetzelfde. U kunt het gevoel hebben dat uw mond erg droog is terwijl de gemeten speekselproductie niet sterk verminderd is. Andersom kan de hoeveelheid speeksel langzaam afnemen zonder dat u dat direct merkt.

Beide situaties kunnen aandacht verdienen.
 

Zo kunt u een droge mond herkennen

Een droge mond voelt niet bij iedereen hetzelfde.

Mogelijke signalen zijn:

  • vaak dorst hebben;
  • steeds kleine slokjes nodig hebben;
  • wakker worden met een droge of plakkerige mond;
  • taai of dik speeksel;
  • een branderig gevoel in mond of tong;
  • droge of gebarsten lippen;
  • moeite met praten;
  • voedsel moeilijker kunnen kauwen;
  • droog voedsel lastig kunnen doorslikken;
  • minder goed kunnen proeven;
  • vaker een slechte adem hebben;
  • eten dat aan de binnenkant van uw mond blijft plakken;
  • een kunstgebit dat minder goed blijft zitten.

 

Een simpele aanwijzing is dat u tijdens een maaltijd voortdurend moet drinken om eten goed weg te krijgen.

Dat hoeft niet direct ernstig te zijn, maar wanneer dit nieuw is of steeds erger wordt, is het verstandig om naar de oorzaak te kijken.
 

Waarom speeksel zo belangrijk is voor uw mondgezondheid

Speeksel lijkt misschien weinig bijzonder, maar uw mond kan nauwelijks zonder.

Het houdt de slijmvliezen vochtig en zorgt ervoor dat eten makkelijker door de mond en keel beweegt. Daarnaast speelt speeksel een rol bij proeven, kauwen en de eerste verwerking van voedsel.

Ook uw tanden hebben er baat bij.

Speeksel helpt zuren in de mond te neutraliseren en draagt bij aan de bescherming van het tandglazuur. Bij weinig speeksel kan die natuurlijke bescherming afnemen.

Een langdurig droge mond kan daardoor onder andere leiden tot:

  • sneller ontstaan van gaatjes;
  • beschadiging van tandwortels;
  • geïrriteerd mondslijmvlies;
  • ontstekingen;
  • problemen met een kunstgebit;
  • slechter proeven;
  • moeite met kauwen en slikken.

 

Het verklaart waarom een droge mond meer is dan alleen een vervelend dorstgevoel.
 

Droge mond door medicijnen: een veelvoorkomende oorzaak

Een van de eerste dingen om te bekijken bij een droge mond is uw medicatie.

Veel geneesmiddelen kunnen de speekselproductie beïnvloeden of een droog gevoel in de mond veroorzaken. De kans daarop kan groter worden wanneer u verschillende medicijnen tegelijk gebruikt.

Voorbeelden van medicijnen waarbij droge mond kan voorkomen zijn bepaalde:

  • antidepressiva;
  • medicijnen tegen angst of onrust;
  • slaap- en kalmeringsmiddelen;
  • medicijnen tegen Parkinson;
  • medicijnen tegen allergie;
  • bloeddrukverlagende medicijnen;
  • plastabletten;
  • medicijnen tegen misselijkheid;
  • antipsychotica;
  • sterke pijnstillers.

 

Ook sommige andere medicijnen kunnen invloed hebben op uw mond.

Dat betekent niet dat u een medicijn moet stoppen zodra u een droge mond krijgt.

Stop of verander voorgeschreven medicijnen nooit op eigen initiatief.

Bespreek de klacht met uw apotheker of huisarts. Soms kan gekeken worden naar de dosering, het tijdstip van innemen of een alternatief geneesmiddel. In andere gevallen blijft het medicijn nodig en wordt vooral gezocht naar manieren om de klachten te verminderen.

Gebruikt u meerdere medicijnen en heeft u ook andere klachten? Dan kan het verstandig zijn om uw volledige medicijngebruik eens te laten bekijken.

Lees ook: Medicatiebeoordeling bij ouderen: zijn al uw medicijnen nog nodig?
 

Andere oorzaken van een droge mond

Medicijnen zijn belangrijk, maar zeker niet de enige mogelijke oorzaak.
 

U drinkt te weinig

Uitdroging kan een droge mond veroorzaken.

Op latere leeftijd kan het dorstgevoel minder duidelijk worden. Hierdoor merkt u soms pas laat dat u te weinig heeft gedronken.

Dat gebeurt bijvoorbeeld sneller:

  • tijdens warme dagen;
  • bij koorts;
  • bij diarree of overgeven;
  • wanneer u plastabletten gebruikt;
  • wanneer u minder mobiel bent en niet gemakkelijk drinken pakt;
  • wanneer u bewust minder drinkt omdat u vaak naar het toilet moet.

 

Een droge mond kan een signaal van uitdroging zijn, maar is op zichzelf onvoldoende om te bepalen of u uitgedroogd bent.
 

U ademt regelmatig door uw mond

Wanneer u ’s nachts met uw mond open slaapt, kan de lucht uw mond uitdrogen.

Een verstopte neus, snurken of ademhalingsproblemen kunnen daar bijvoorbeeld een rol bij spelen.

Heeft u vooral 's morgens een droge mond en nauwelijks overdag, dan kan dit een aanwijzing zijn.
 

Een aandoening speelt een rol

Ook bepaalde ziekten en behandelingen kunnen de hoeveelheid speeksel beïnvloeden.

Voorbeelden zijn:

  • het syndroom van Sjögren;
  • diabetes;
  • aandoeningen van de speekselklieren;
  • sommige neurologische aandoeningen;
  • bestraling van het hoofd-halsgebied.

 

Bij aanhoudende of ernstige klachten is het daarom verstandig niet alleen de symptomen te bestrijden, maar ook de oorzaak te laten beoordelen.
 


 
 

Wat kunt u zelf doen tegen een droge mond?

Wat helpt, hangt af van de oorzaak. Toch zijn er verschillende eenvoudige maatregelen die vaak verlichting geven.
 

Neem regelmatig kleine slokjes water

Een flesje of glas water binnen handbereik kan prettig zijn.

Een paar kleine slokjes verspreid over de dag werkt vaak prettiger dan af en toe een grote hoeveelheid drinken.

Heeft u van een arts een vochtbeperking gekregen, bijvoorbeeld vanwege hart- of nierproblemen? Houd u dan aan dat persoonlijke advies.
 

Stimuleer de speekselproductie

Kauwen stimuleert de speekselklieren.

Suikervrije kauwgom kan daarom bij sommige mensen helpen. Ook eten waarbij u wat langer moet kauwen kan de speekselproductie op gang brengen.

Kies liever geen snoep of zuurtjes met suiker om uw mond vochtig te houden. Bij een droge mond zijn tanden juist minder goed beschermd tegen gaatjes.
 

Zorg extra goed voor uw tanden

Minder speeksel betekent dat de natuurlijke bescherming van uw gebit afneemt.

Goed poetsen met fluoridetandpasta wordt daardoor extra belangrijk.

Reinig daarnaast ook tussen de tanden en kiezen. Vraag uw tandarts of mondhygiënist welke methode voor u het gemakkelijkst werkt, bijvoorbeeld ragers, floss of tandenstokers.
 

Vraag advies over producten tegen droge mond

Bij hardnekkige klachten bestaan er gels, sprays en andere producten die de mond tijdelijk kunnen bevochtigen.

Er zijn ook speekselvervangende middelen, vaak aangeduid als kunstspeeksel.

Niet ieder product werkt bij iedereen even prettig. Uw tandarts, mondhygiënist, huisarts of apotheker kan helpen bij de keuze.

Kunstgebit en mondgezondheid: dagelijkse verzorging blijft belangrijk

Heeft u geen eigen tanden meer? Dan is mondverzorging nog steeds belangrijk.

Een kunstgebit kan voedselresten, bacteriën en aanslag vasthouden. Ook het tandvlees, de tong en het slijmvlies onder de prothese moeten gezond blijven.

Let daarom niet alleen op het kunstgebit zelf.

Signalen dat er iets niet goed gaat zijn bijvoorbeeld:

  • pijn bij kauwen;
  • rode of geïrriteerde plekken;
  • wondjes onder het kunstgebit;
  • een prothese die beweegt tijdens eten of praten;
  • scheurtjes bij de mondhoeken;
  • een veranderde beet;
  • moeite met hardere voedingsmiddelen.

 

Een kunstgebit kan na verloop van tijd minder goed gaan passen doordat de vorm van uw kaak verandert.

U hoeft dus niet te accepteren dat een kunstgebit steeds losser gaat zitten omdat het “nu eenmaal oud is”.

Laat het controleren.
 

Moeite met kauwen? Let ook op wat u nog voldoende kunt eten

Wanneer kauwen moeilijker wordt, passen veel mensen ongemerkt hun eetpatroon aan.

Een harde appel wordt appelmoes. Noten verdwijnen van het menu. Een taai stukje vlees wordt vermeden. Rauwe groenten maken plaats voor zachtere gerechten.

Dat is op zichzelf niet verkeerd. Het probleem ontstaat wanneer daardoor steeds minder verschillende of voedzame producten worden gegeten.

Moeite met kauwen kan bijvoorbeeld komen door:

  • pijnlijke tanden of kiezen;
  • losse tanden;
  • ontbrekende kiezen;
  • ontstoken tandvlees;
  • een slecht passend kunstgebit;
  • een droge mond;
  • pijn in de kaak.

 

Merkt u dat u complete groepen voedingsmiddelen bent gaan vermijden? Kijk dan niet alleen naar wat u eet, maar ook naar waarom eten moeilijker is geworden.

Een tandarts, tandprotheticus of mondhygiënist kan soms een praktisch probleem oplossen waardoor u weer gemakkelijker kunt eten.
 

Mondgezondheid en ondervoeding: dit is het verband

Dit is een belangrijk verband.

Wie pijn heeft bij het eten of moeilijk kan kauwen, kan minder gaan eten. Een droge mond kan droog voedsel onaangenaam maken. Minder smaak kan de eetlust verminderen.

Daardoor kunnen mondproblemen indirect bijdragen aan onvoldoende voeding.

Andersom kan een slechte voedingstoestand ook invloed hebben op herstel, energie en lichamelijke weerstand.

Let daarom extra op wanneer mondproblemen samengaan met:

  • onbedoeld gewichtsverlies;
  • minder eetlust;
  • maaltijden overslaan;
  • vermoeidheid;
  • verlies van spierkracht;
  • kleding die duidelijk ruimer gaat zitten.

 

Een paar kilo verliezen zonder dat u dit van plan was, is op latere leeftijd niet automatisch positief.

Bespreek aanhoudend gewichtsverlies of duidelijk minder eten met uw huisarts of diëtist.
 

Minder smaak? Kijk ook eens naar uw mond

Smaak verandert gedurende het leven, maar een plotselinge of duidelijke verandering verdient aandacht.

Een droge mond kan ervoor zorgen dat u voedsel minder goed proeft. Speeksel helpt namelijk om smaakstoffen bij uw smaakpapillen te brengen.

Ook andere mondproblemen kunnen invloed hebben op smaak, bijvoorbeeld:

  • aanslag op de tong;
  • ontstekingen;
  • schimmel in de mond;
  • slechte mondhygiëne;
  • bepaalde medicijnen.

 

Minder smaak kan vervolgens weer leiden tot minder zin in eten.

Gebruik niet automatisch extra suiker of zout om eten sterker te laten smaken. Zeker als u diabetes, hoge bloeddruk of andere aandoeningen heeft, kan dat onwenselijk zijn.

Kruiden, specerijen en verschillende structuren kunnen soms een betere manier zijn om een maaltijd aantrekkelijker te maken.
 



 

Ontstoken tandvlees bij ouderen herkennen

Gezond tandvlees hoort niet voortdurend te bloeden.

Let op:

  • rood tandvlees;
  • gezwollen tandvlees;
  • bloed bij poetsen;
  • bloed bij gebruik van ragers;
  • slechte adem;
  • terugtrekkend tandvlees;
  • tanden die losser lijken te staan.

 

Bloedend tandvlees wordt soms gezien als reden om juist minder goed te poetsen. Dat is meestal niet verstandig.

Ontstoken tandvlees ontstaat vaak door tandplak. Goede reiniging is juist belangrijk om de oorzaak aan te pakken.

Blijft uw tandvlees bloeden of heeft u pijn, zwelling of losse tanden? Maak dan een afspraak bij tandarts of mondhygiënist.
 

Ook een slechte adem kan uit de mond komen

Een slechte adem is vervelend, zeker wanneer u zich daardoor minder vrij voelt in gezelschap.

Veel mensen proberen het probleem op te lossen met pepermunt of mondwater. Daarmee wordt vooral de geur tijdelijk gemaskeerd.

Een slechte adem kan bijvoorbeeld samenhangen met:

  • tandplak;
  • ontstoken tandvlees;
  • aanslag op de tong;
  • een droge mond;
  • een slecht gereinigd kunstgebit;
  • gaatjes;
  • ontstekingen in de mond.

 

Wanneer de slechte adem steeds terugkomt, is het verstandiger om de oorzaak te zoeken.

Een droge mond is daarbij een belangrijke mogelijkheid.
 

Wanneer moet u naar de tandarts?

Wacht liever niet totdat u hevige kiespijn heeft.

Maak een afspraak wanneer u bijvoorbeeld merkt dat:

  • kauwen pijn doet;
  • uw kunstgebit niet meer goed past;
  • uw tandvlees regelmatig bloedt;
  • een tand of kies loszit;
  • u een zwelling in uw mond heeft;
  • u langdurig een droge mond heeft;
  • u steeds nieuwe gaatjes krijgt;
  • u wondjes heeft die niet genezen;
  • u voortdurend last heeft van een slechte smaak of slechte adem.

 

Ook zonder klachten blijven periodieke controles verstandig wanneer u eigen tanden of kiezen heeft.

De tandarts kan problemen vaak zien voordat u er zelf iets van merkt.
 

Wanneer belt u de huisarts?

Niet ieder mondprobleem hoort uitsluitend bij de tandarts.

Neem contact op met uw huisarts wanneer een droge mond mogelijk samenhangt met:

  • nieuwe medicijnen;
  • ernstige uitdroging;
  • een onderliggende ziekte;
  • problemen met slikken;
  • andere lichamelijke klachten.

 

Ook wanneer u door pijn of mondproblemen nauwelijks meer kunt eten of drinken, is overleg verstandig.

Neem dezelfde dag contact op met huisarts of huisartsenpost wanneer u duidelijk ziek bent en bijvoorbeeld een flinke zwelling, koorts of toenemende klachten heeft.

Bij ernstige benauwdheid, bewusteloosheid of wanneer iemand niet meer goed reageert, belt u 112.
 

Problemen met slikken zijn iets anders dan moeilijk kauwen

Kauwen gebeurt vooral in de mond. Slikken is het proces waarmee eten en drinken vervolgens naar de slokdarm gaat.

Slikproblemen verdienen extra aandacht.

Signalen kunnen zijn:

  • vaak verslikken;
  • hoesten tijdens het eten;
  • voedsel dat in de keel lijkt te blijven steken;
  • een natte of borrelende stem na drinken;
  • heel lang over maaltijden doen;
  • vermijden van bepaalde structuren;
  • terugkerende luchtweginfecties.

 

Een droge mond kan slikken moeilijker maken, maar er kunnen ook andere oorzaken zijn.

Bespreek terugkerende slikproblemen met uw huisarts. Zo nodig kan bijvoorbeeld een logopedist betrokken worden.
 

Mondzorg wordt lastiger wanneer uw handen minder soepel zijn

Goed poetsen vraagt meer handvaardigheid dan u misschien denkt.

Artrose, Parkinson, krachtverlies, een tremor of pijn in handen en polsen kunnen het moeilijker maken om de tandenborstel goed te bewegen.

Dat betekent niet dat iemand niet meer zelf kan poetsen.

Praktische oplossingen kunnen zijn:

  • een elektrische tandenborstel;
  • een tandenborstel met dikkere handgreep;
  • een aangepaste greep;
  • ragers met een langer handvat;
  • zittend poetsen;
  • een spiegel op een gemakkelijkere hoogte;
  • hulp bij alleen het lastigste deel.

 

Een ergotherapeut kan bij problemen met handfunctie soms meedenken over een passende oplossing.

Maak mondverzorging vooral zo gemakkelijk mogelijk. Een methode die iedere dag lukt is waardevoller dan een ingewikkelde oplossing die nauwelijks wordt gebruikt.
 

Mondzorg bij geheugenproblemen vraagt eerder aandacht

Wanneer geheugenproblemen ontstaan, kan dagelijkse mondverzorging ongemerkt minder worden.

Iemand kan bijvoorbeeld denken dat hij al heeft gepoetst, vergeten wanneer het kunstgebit is schoongemaakt of steeds minder vaak naar de tandarts gaan.

Let op veranderingen zoals:

  • een sterkere slechte adem;
  • zichtbare aanslag;
  • voedselresten in de mond;
  • niet meer willen eten;
  • pijn bij eten;
  • plotseling weigeren van het kunstgebit;
  • onverklaarde onrust tijdens maaltijden.

 

Pijn in de mond wordt niet altijd duidelijk benoemd. Dat geldt zeker wanneer iemand moeite krijgt om klachten onder woorden te brengen.

Een verandering in gedrag tijdens eten kan daarom aanleiding zijn om ook de mond te controleren.
 

Hoe vaak moet u naar tandarts of mondhygiënist?

Er bestaat niet één controleschema dat voor iedereen hetzelfde is.

Uw tandarts bepaalt samen met u hoe vaak controle verstandig is. Dat hangt bijvoorbeeld af van:

  • de conditie van uw gebit;
  • tandvleesproblemen;
  • het aantal eigen tanden;
  • het risico op gaatjes;
  • een droge mond;
  • uw mogelijkheden om zelf goed te poetsen;
  • medicijngebruik;
  • eerdere behandelingen.

 

Heeft u al jaren geen tandarts bezocht omdat u geen klachten heeft? Dan betekent dat niet automatisch dat alles in orde is.

Sommige problemen ontstaan lange tijd vrijwel zonder pijn.
 



 

Heeft u met een kunstgebit nog een tandarts nodig?

Ja, controle kan nog steeds zinvol zijn.

Ook wanneer u geen eigen tanden meer heeft, kunnen er veranderingen ontstaan aan:

  • het tandvlees;
  • de kaak;
  • het mondslijmvlies;
  • de tong;
  • de pasvorm van de prothese.

 

Een tandprotheticus kan eveneens een belangrijke rol spelen bij problemen met een volledig kunstgebit.

Welke professional het meest geschikt is, hangt af van de klacht.
 

Mondzorg en tandartsvergoeding in 2026

Voor volwassenen wordt gewone tandheelkundige zorg meestal niet uit de basisverzekering betaald.

Een periodieke tandartscontrole, gebitsreiniging en veel gewone behandelingen betaalt u daarom zelf, tenzij uw aanvullende verzekering een vergoeding biedt.

Er zijn uitzonderingen.

Een uitneembaar volledig kunstgebit valt bijvoorbeeld onder voorwaarden binnen de basisverzekering. In 2026 geldt daarbij een wettelijke eigen bijdrage van 25 procent van de kosten.

Voor een volledig kunstgebit op implantaten gelden andere eigen bijdragen:

  • 10 procent voor de onderkaak;
  • 8 procent voor de bovenkaak.

 

Voor reparatie of rebasing van een volledig uitneembaar kunstgebit geldt een eigen bijdrage van 10 procent.

Daarnaast kan het verplichte eigen risico van toepassing zijn op zorg die uit het basispakket wordt vergoed.

Vergoedingen verschillen per behandeling en persoonlijke situatie. Controleer daarom altijd uw polis of vraag uw zorgverzekeraar vooraf wat voor u geldt.
 

Waarom mondzorg soms wordt uitgesteld

Een tandartsbezoek wordt niet alleen uitgesteld door angst.

Ook praktische zaken kunnen een rol spelen:

  • de praktijk is moeilijk bereikbaar;
  • vervoer regelen lukt niet;
  • traplopen bij de praktijk is lastig;
  • iemand heeft begeleiding nodig;
  • kosten vormen een belemmering;
  • andere gezondheidsproblemen krijgen voorrang.

 

Juist dan kunnen kleine mondproblemen steeds groter worden.

Het RIVM ziet bovendien dat mensen met een lager inkomen vaker aangeven een bezoek aan tandarts of mondhygiënist vanwege de kosten te hebben overgeslagen.

Heeft u moeite om naar een tandartspraktijk te gaan? Bespreek dit met uw tandarts, huisarts, wijkverpleging of iemand uit uw omgeving. Soms zijn er mogelijkheden voor begeleiding, aangepast vervoer of mondzorg die beter aansluit op uw situatie.
 

Doe zelf een mondcheck in één minuut

U hoeft geen deskundige te zijn om veranderingen in uw eigen mond op te merken.

Kijk af en toe bewust in de spiegel.

Controleer:
 

Kijk naar

Let hierop

Lippen

Scheurtjes, droogheid of wondjes

Mondhoeken

Rode of pijnlijke scheurtjes

Tong

Ongewone aanslag, pijn of zwelling

Tandvlees

Roodheid, zwelling of bloedingen

Tanden

Afgebroken stukken, verkleuring of losse tanden

Kunstgebit

Scheurtjes, vuil of veranderde pasvorm

Slijmvlies

Rode, witte of pijnlijke plekken

Speeksel

Heel weinig, plakkerig of opvallend dik


U hoeft niet iedere afwijking zelf te kunnen verklaren.

Het doel is vooral dat veranderingen u eerder opvallen.
 

10 signalen die u niet zomaar aan ouder worden moet toeschrijven

Neem deze klachten serieus wanneer ze blijven bestaan:

  1. U heeft vrijwel voortdurend een droge mond.
  2. U heeft water nodig om droog voedsel door te slikken.
  3. Uw kunstgebit gaat steeds losser zitten.
  4. Uw tandvlees bloedt vaak.
  5. U vermijdt steeds meer voedingsmiddelen.
  6. U bent minder gaan eten omdat kauwen lastig is.
  7. U heeft steeds opnieuw pijnlijke plekjes in de mond.
  8. U proeft duidelijk minder dan vroeger.
  9. Uw mondverzorging lukt lichamelijk niet meer goed.
  10. U heeft al jaren geen mondzorgverlener bezocht.

 

Eén zo'n signaal betekent niet automatisch dat er iets ernstigs aan de hand is.

Het is wel reden om er aandacht aan te besteden.
 

Checklist mondgezondheid: hoe gezond is uw mond?

Loop de lijst eens voor uzelf langs.

  • Ik poets dagelijks zorgvuldig met fluoridetandpasta.
  • Ik reinig ook tussen mijn tanden en kiezen.
  • Mijn kunstgebit wordt dagelijks schoongemaakt.
  • Ik heb geen aanhoudende pijn in mijn mond.
  • Mijn tandvlees bloedt niet regelmatig.
  • Ik kan normaal kauwen.
  • Mijn kunstgebit zit comfortabel.
  • Ik kan eten doorslikken zonder steeds te hoesten of mij te verslikken.
  • Ik heb niet voortdurend last van een droge mond.
  • Ik weet of mijn medicijnen een droge mond kunnen veroorzaken.
  • Mijn mondproblemen zorgen er niet voor dat ik minder eet.
  • Ik laat mijn mond controleren wanneer dat nodig is.

 

Herkent u meerdere problemen? Probeer dan niet alles tegelijk zelf op te lossen. Begin met de klacht waar u het meeste last van heeft en bespreek die met uw tandarts, mondhygiënist, tandprotheticus, apotheker of huisarts.
 

Tot slot

Een gezonde mond merkt u vaak nauwelijks. U eet, drinkt, praat en lacht zonder erbij na te denken.

Juist daarom vallen veranderingen soms pas op wanneer ze al behoorlijk hinderlijk zijn.

Een droge mond die iedere dag terugkomt, een kunstgebit dat steeds minder prettig zit of voedsel dat moeilijker te kauwen is, hoeft u niet simpelweg te accepteren omdat u ouder wordt.

Kijk naar wat er veranderd is. Gebruikt u andere medicijnen? Drinkt u voldoende? Past uw kunstgebit nog goed? Doet poetsen pijn of kost het meer moeite? Bent u bepaalde voedingsmiddelen gaan vermijden?

Vaak ligt daar al een belangrijke aanwijzing.

En hoe eerder u een mondprobleem bespreekt, hoe groter de kans dat een relatief eenvoudige oplossing ervoor zorgt dat eten, praten en lachen weer vanzelfsprekend worden.

Veelgestelde vragen over mondgezondheid

Niet automatisch. Een droge mond komt op hogere leeftijd vaker voor, maar vaak spelen medicijnen, aandoeningen, uitdroging of andere factoren een rol. Bij gezonde veroudering kan de speekselproductie goed behouden blijven.

Onder andere bepaalde antidepressiva, slaapmiddelen, bloeddrukmedicijnen, plastabletten, Parkinsonmedicatie, sterke pijnstillers en medicijnen met een anticholinerge werking kunnen een droge mond veroorzaken. Stop nooit zelf met medicatie, maar bespreek klachten met huisarts of apotheker.

Regelmatig kleine slokjes water drinken, suikervrije kauwgom gebruiken en een goede mondverzorging kunnen helpen. Bij ernstige klachten bestaan bevochtigende gels, sprays en speekselvervangende producten. De beste aanpak hangt af van de oorzaak.

Ja. Speeksel helpt tanden beschermen tegen zuren en ondersteunt het herstel van het tandglazuur. Bij langdurig weinig speeksel kan de kans op gaatjes toenemen.

Ja. Speeksel helpt bij het comfort en de hechting van een kunstgebit. Bij een droge mond kan een prothese losser of pijnlijker aanvoelen.

Controle blijft verstandig. Ook zonder eigen tanden kunnen problemen ontstaan aan tandvlees, kaak, mondslijmvlies of de pasvorm van het kunstgebit.

Bloedend tandvlees past vaak bij een tandvleesontsteking door tandplak. Stop niet zomaar met poetsen. Blijven de klachten bestaan, laat uw tandvlees dan beoordelen door tandarts of mondhygiënist.

Ja. Pijn, slecht passende protheses, een droge mond en problemen met kauwen kunnen ervoor zorgen dat u voedingsmiddelen vermijdt of minder gaat eten. Dat kan op termijn bijdragen aan gewichtsverlies of ondervoeding.

Afhankelijk van het probleem kunt u terecht bij een tandarts of tandprotheticus. Bij pijn, wondjes of twijfel over het mondslijmvlies is beoordeling door een mondzorgverlener verstandig.

Er bestaat geen algemene vergoeding uit de basisverzekering alleen omdat u 65 jaar of ouder bent. Gewone tandartszorg voor volwassenen wordt meestal niet uit het basispakket betaald. Voor onder andere volledige gebitsprotheses en bepaalde bijzondere tandheelkundige zorg gelden uitzonderingen.

Voor een uitneembaar volledig kunstgebit geldt in 2026 een wettelijke eigen bijdrage van 25 procent. Daarnaast kan het verplichte eigen risico van toepassing zijn. Vraag uw verzekeraar altijd naar de exacte vergoeding in uw situatie.

Ga bij tand- of kiesproblemen meestal eerst naar de tandarts. Neem contact op met de huisarts wanneer een droge mond mogelijk samenhangt met medicijnen, een ziekte of uitdroging, of wanneer u bijvoorbeeld slikproblemen, koorts of andere lichamelijke klachten heeft.

Nieuwsbrief aanmelden

Over dit artikel

Geschreven door

Redactie LangerThuisinHuis.nl

Laatst gewijzigd op

LangerThuisinHuis.nl helpt ouderen en hun naasten met betrouwbare informatie, praktische tips en onafhankelijke uitleg over zelfstandig en veilig thuis wonen. We schrijven over woningaanpassingen, hulpmiddelen, zorg, geldzaken en prettig ouder worden thuis.

Inhoudelijk gecontroleerd door

Redactie LangerThuisinHuis.nl

Dit artikel is redactioneel gecontroleerd op duidelijkheid, actualiteit en praktische toepasbaarheid, met gebruik van erkende Nederlandse bronnen.

Nu te bestellen: De Langer Thuis in Huis Gids(100+ pagina’s)!

 Hoe maak ik mijn woning levensloopbestendig?

 Welke handige hulpmiddelen zijn er?

 Heb ik recht op vergoedingen?

 Hoe kan ik woningaanpassingen financieren?


Van € 19,99 voor maar € 14,99!

Lees meer

Het is een prachtige gids waar ik echt heel veel aan heb. Het was nog mooier dan ik verwacht had.

Mevr. Elmendorp (83 jaar)