Eiwit of proteïne
Het is u vast wel eens opgevallen dat op reclame van bepaalde producten gesproken wordt over ‘een bron van eiwitten of proteïne’. Dit kan verwarrend zijn, zeker wanneer ze door elkaar gebruikt worden. Gelukkig kunnen we deze onduidelijkheid voor u ophelderen, want met beide woorden wordt één en dezelfde voedingsbron aangeduid: eiwit. Waarom proteïne in Nederland ook wel eiwit wordt genoemd is niet helemaal duidelijk. Vermoedelijk heeft het te maken met het feit dat er veel proteïne in eieren zit.
Eiwitrijke voeding
De naam eiwit zal u logischerwijs meteen doen denken aan het wit in een ei. Echter is het ei lang niet de enige voedingsbron die rijk aan eiwitten is. Eiwitten zitten namelijk in heel veel verschillende voedingsmiddelen. Vlees en vis bijvoorbeeld, zijn producten die erg rijk zijn aan eiwitten. Vlees bestaat voor 20 tot 30 procent uit eiwitten, een ei bevat 13 procent aan eiwit.
Hieronder vindt u een overzicht van plantaardige en dierlijke eiwitten.
Plantaardige eiwitten
- Zaden (30 gram per 100 gram)
- Lupine (peulvrucht) (25 gram per 100 gram)
- Pindakaas (23 gram per 100 gram)
- Gemengde noten (22 gram per 100 gram)
- Sojabonen (22 gram per 100 gram)
- Havermout (13 gram per 100 gram)
- Tofu, tempeh (12 gram per 100 gram)
- Volkorenbrood (9 gram per 100 gram)
- Linzen (9 gram per 100 gram)
- Bruine bonen (8 gram per 100 gram)
- Volkorenpasta (6 gram per 100 gram)
- Boerenkool (4 gram per 100 gram)
- Champignons (4 gram per 100 gram)
- Spinazie (3 gram per 100 gram)
- Mais (3 gram per 100 gram)
- Sojamelk (3 gram per 100 gram)
- Zilvervliesrijst (3 gram per 100 gram)
- Aardappelen (2 gram per 100 gram)
- Avocado (2 gram per 100 gram)
Dierlijke eiwitten
- Rundvlees (35 gram per 100 gram)
- Kipfilet (31 gram per 100 gram)
- Zalm (25 gram per 100 gram)
- Kalkoenfilet (25 gram per 100 gram)
- Tonijn (24 gram per 100 gram)
- Ei (13 gram per 100 gram)
- Magere kwark (9 gram per 100 gram)
- Melk (4 gram per 100 gram)
- Magere yoghurt (4 gram per 100 gram)
- Karnemelk (3 gram per 100 gram)