In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober 2026 gaat de klok een uur achteruit. Dat klinkt prettig: een uurtje langer slapen. Toch merken sommige 65-plussers dat ze juist vroeger wakker worden, 's avonds eerder moe zijn of een paar dagen uit hun ritme raken. Hoe komt dat? En wat kunt u doen om ook tijdens de donkere maanden lekker te blijven slapen?
Zes uur 's ochtends. Buiten is het nog stil en in huis is niemand wakker. Toch bent u klaarwakker. U draait zich nog eens om, kijkt op de klok en probeert weer in slaap te vallen.
Herkent u dat?
Naarmate we ouder worden, verandert ons slaapritme vaak. Sommige mensen worden vroeger slaperig en zijn ook 's ochtends eerder wakker. Anderen merken vooral dat ze wat lichter slapen of vaker wakker worden gedurende de nacht.
Wanneer de klok eind oktober een uur achteruitgaat, kan dat bestaande ritme even verschuiven.
Gelukkig is een paar dagen wat vroeger wakker worden meestal geen reden tot zorgen. Met voldoende daglicht, beweging en een regelmatig dagritme helpt u uw lichaam om aan de nieuwe tijd te wennen.
Wanneer gaat de wintertijd in 2026 in?
In Nederland begint de wintertijd op zondag 25 oktober 2026.
Om 03.00 uur 's nachts wordt de klok teruggezet naar 02.00 uur.
Dat betekent dat de nacht volgens de klok een uur langer duurt.
Wintertijd 2026 | Datum en tijd |
|---|---|
Nacht waarin de klok verandert | Zaterdag 24 op zondag 25 oktober |
Tijdstip | 03.00 uur wordt 02.00 uur |
Klok vooruit of achteruit? | Eén uur achteruit |
Wat merkt u 's ochtends? | Het wordt volgens de klok eerder licht |
Wat merkt u 's avonds? | Het wordt volgens de klok eerder donker |
Een eenvoudig ezelsbruggetje: in het voorjaar gaat de klok vooruit en in het najaar achteruit.
Uw telefoon, tablet en veel digitale apparaten passen de tijd automatisch aan. Een gewone wandklok, wekker of klok op de oven moet u vaak zelf verzetten.
Waarom kan de wintertijd invloed hebben op uw slaap?
Uw lichaam heeft een eigen biologische klok.
Die regelt onder andere wanneer u zich wakker voelt, wanneer u slaperig wordt en hoe uw lichaamstemperatuur gedurende de dag verandert.
De biologische klok reageert vooral op licht en donker.
Ochtendlicht helpt het lichaam om het begin van de dag te herkennen. Wanneer het 's avonds donker wordt, verandert de aansturing van processen die met slapen te maken hebben.
De klok aan de muur kunt u in een paar seconden verzetten. Maar uw biologische klok past zich niet altijd onmiddellijk aan.
Een voorbeeld: u wordt normaal om zeven uur wakker
Stel dat u iedere ochtend rond 07.00 uur wakker wordt.
Na de overgang naar wintertijd is het op datzelfde biologische moment pas 06.00 uur op de klok.
Het kan daardoor gebeuren dat u op zondag en maandag al om zes uur wakker bent, terwijl u eigenlijk liever tot zeven uur zou slapen.
Ook kunt u 's avonds eerder moe worden.
Dat is niet vreemd. Uw lichaam volgt nog even het oude ritme.
Voor veel mensen is de verschuiving klein en tijdelijk. Sommige mensen merken er zelfs helemaal niets van.
Waarom verandert uw slaap na uw 65e?
Het idee dat ouderen nauwelijks slaap nodig hebben, klopt niet.
Ook op latere leeftijd blijft voldoende slaap belangrijk voor uw concentratie, stemming, geheugen en dagelijks functioneren.
Wel verandert de manier waarop we slapen.
1. U slaapt vaak minder diep
Op latere leeftijd neemt de hoeveelheid diepe slaap gemiddeld af.
Daardoor kunt u gevoeliger worden voor geluiden, licht of andere verstoringen.
Misschien werd u vroeger niet wakker van een voorbijrijdende auto, maar tegenwoordig hoort u hem wel.
Dat betekent niet automatisch dat uw nachtrust onvoldoende is.
2. Uw biologische klok kan vroeger gaan lopen
Bij veel oudere volwassenen verschuift het natuurlijke slaapritme naar een vroeger tijdstip.
U krijgt bijvoorbeeld om 21.30 uur al slaap, terwijl u vroeger gemakkelijk tot middernacht wakker bleef.
Daar staat tegenover dat u soms ook eerder wakker wordt.
Wie al een vroeg slaapritme heeft, kan dat tijdens de overgang naar wintertijd duidelijker merken.
3. Uw slaap wordt gemakkelijker onderbroken
Pijn, medicijnen, nachtelijk toiletbezoek of een warme slaapkamer kunnen de slaap verstoren.
Dat zijn geen gevolgen van de wintertijd zelf, maar ze kunnen het aanpassen aan een andere kloktijd lastiger maken.
4. U heeft mogelijk minder vaste dagmomenten
Na pensionering vervallen soms vaste werktijden.
Dat geeft veel vrijheid, maar kan er ook voor zorgen dat de ene dag om zeven uur begint en de volgende pas om negen uur.
Wanneer bedtijd, opstaan en dagelijkse activiteiten sterk wisselen, krijgt uw biologische klok minder duidelijke signalen.
Een regelmatig ritme kan juist helpen om prettiger te slapen.
Slaapt u door de wintertijd echt slechter?
Niet noodzakelijk.
De overgang naar wintertijd verschilt van de overgang naar zomertijd.
In maart gaat de klok vooruit en verliezen mensen volgens de klok een uur van de nacht. Dat kan tijdelijk tot korter slapen leiden.
In oktober gaat de klok achteruit. Daardoor ontstaat juist een extra klokuur.
Wetenschappelijke onderzoeken laten zien dat de effecten van deze tijdwisselingen niet voor iedereen hetzelfde zijn. De verstoring van de slaap is doorgaans duidelijker onderzocht bij de overgang naar zomertijd dan bij de overgang naar wintertijd.
Er is bovendien onvoldoende bewijs om te zeggen dat de wintertijd voor alle 65-plussers schadelijker is dan voor jongere volwassenen.
Wat wel kan gebeuren: wie van nature vroeg wakker wordt, merkt dat dit na de overgang volgens de klok nóg vroeger is.
U hoeft zich dus niet automatisch zorgen te maken over de wintertijd. Het is vooral verstandig om aandacht te besteden aan uw dagelijkse ritme.
Zeven tips om prettig te blijven slapen tijdens de wintertijd
U hoeft uw complete dagelijkse routine niet om te gooien.
Een paar eenvoudige gewoontes kunnen al helpen om de overgang naar wintertijd soepeler te laten verlopen.
1. Verander uw slaapritme eventueel in kleine stapjes
Heeft u ieder jaar moeite met het verzetten van de klok? Dan kunt u in de dagen voorafgaand aan de wintertijd uw dagelijkse routine iets later laten plaatsvinden.
Ga bijvoorbeeld iedere avond tien tot vijftien minuten later naar bed en sta 's ochtends iets later op.
Zo kan de overgang minder plotseling aanvoelen.
Dit is een praktische mogelijkheid, geen noodzakelijke voorbereiding. Slaapt u doorgaans goed en merkt u nauwelijks iets van de wintertijd? Dan hoeft u uw gewoontes niet vooraf aan te passen.
2. Ga overdag lekker naar buiten
Daglicht is een van de belangrijkste signalen voor uw biologische klok.
Probeer iedere dag buiten te komen, bij voorkeur ook in de ochtend.
Een wandeling naar de bakker, een rondje door het park of koffie drinken in de tuin is al een goede reden om naar buiten te gaan.
Ook wanneer het bewolkt is, krijgt u buiten doorgaans meer daglicht dan binnen.
Wilt u later wakker worden omdat uw slaapritme erg vroeg ligt? Dan kan de timing van licht extra belangrijk zijn. Zeer vroeg ochtendlicht kan een vroeg ritme juist ondersteunen. Bespreek hardnekkige problemen met uw huisarts in plaats van zelf met felle lichttherapie te experimenteren.
3. Blijf overdag bewegen
Een actieve dag helpt om 's avonds voldoende slaapdruk op te bouwen.
Dat betekent niet dat u intensief moet sporten.
Een wandeling, een stukje fietsen, tuinieren of rustige oefeningen thuis zijn prima manieren om in beweging te blijven.
Regelmatig bewegen ondersteunt bovendien uw conditie, spierkracht en balans.
Bekijk ook onze informatie over valpreventie en veilig bewegen.
4. Houd een herkenbaar dagritme aan
Probeer ongeveer dezelfde tijden aan te houden voor opstaan, ontbijten, lunchen en avondeten.
Ook sociale activiteiten en vaste wandelmomenten geven structuur aan de dag.
Dat kan vooral prettig zijn wanneer u met pensioen bent en geen vaste werktijden meer heeft.
U hoeft niet iedere dag precies op de minuut hetzelfde te doen. Een herkenbaar ritme is belangrijker dan een strakke planning.
5. Maak de avond rustig en gezellig
's Avonds wordt het na de overgang naar wintertijd volgens de klok eerder donker.
Maak daar gerust een prettig moment van.
Een boek lezen, rustige muziek luisteren of nog even met iemand praten kan helpen om de dag ontspannen af te sluiten.
Probeer het laatste uur voor het slapengaan felle schermen te beperken, zeker wanneer u merkt dat u daardoor wakker blijft.
6. Let op koffie, alcohol en dutjes
Een kop koffie aan het einde van de middag kan langer doorwerken dan u denkt.
Drink bij slaapproblemen bij voorkeur geen koffie, zwarte of groene thee of andere cafeïnehoudende dranken in de zes uur voordat u naar bed gaat.
Alcohol kan ervoor zorgen dat u sneller inslaapt, maar verstoort vaak de kwaliteit van de slaap.
En valt u 's middags graag even weg op de bank? Een kort dutje kan prettig zijn. Probeer lange of late dutjes te vermijden wanneer u 's nachts moeilijk slaapt.
7. Zorg voor een fijne slaapkamer
Een slaapkamer waarin u zich comfortabel voelt, maakt het gemakkelijker om tot rust te komen.
Let op voldoende frisse lucht, rust en verduistering wanneer u die nodig heeft.
Ook de temperatuur speelt een rol.
Een slaapkamer mag wat koeler zijn dan de woonkamer, maar zorg dat u het niet onaangenaam koud krijgt.
Dat verdient extra aandacht wanneer u ouder bent, weinig beweegt of gevoelig bent voor kou.
Lees ook: 18 graden in huis? Voor ouderen is dat niet altijd warm genoeg.
Zo kunt u zich voorbereiden op de wintertijd
Wordt u normaal om 07.00 uur wakker en heeft u vaak last van de klokwisseling? Dan kunt u ervoor kiezen om uw bedtijd en wektijd geleidelijk iets later te zetten.
Hieronder een voorbeeld. Het is geen verplicht schema en de tijden mogen gerust afwijken.
Dag | Voorbeeld: naar bed | Voorbeeld: opstaan |
|---|---|---|
Woensdag 21 oktober | 22.00 uur | 07.00 uur |
Donderdag 22 oktober | 22.15 uur | 07.15 uur |
Vrijdag 23 oktober | 22.30 uur | 07.30 uur |
Zaterdag 24 oktober | 22.45 uur | 07.45 uur |
Zondag 25 oktober | 23.00 uur (nieuwe tijd) | 08.00 uur (nieuwe tijd) |
Dit is slechts een illustratie van het geleidelijk verschuiven van uw ritme. Voor de meeste mensen is een dergelijk schema niet nodig.
Lukt het niet om later te slapen? Forceer het dan niet. Ga naar bed wanneer u voldoende slaperig bent en probeer vooral een regelmatig dagritme aan te houden.
Hoeveel slaap heeft u eigenlijk nodig na uw 65e?
Het is een hardnekkig misverstand dat iedereen na zijn pensioen nog maar vijf of zes uur slaap nodig heeft.
Voor de meeste oudere volwassenen is ongeveer zeven tot acht uur slaap per nacht een bruikbaar uitgangspunt.
Maar er zijn individuele verschillen.
De een voelt zich na zeven uur uitstekend, terwijl een ander acht uur nodig heeft om zich overdag fit te voelen.
Kijk daarom niet alleen naar het aantal uren, maar ook naar hoe u zich overdag voelt.
Kunt u prettig wandelen, boodschappen doen, lezen en uw gewone activiteiten uitvoeren zonder voortdurend slaperig te zijn? Dan is dat een goed teken.
Is het normaal om 's nachts een paar keer wakker te worden?
Ja. Naarmate u ouder wordt, kan de slaap wat lichter worden.
Het is niet ongewoon om enkele keren kort wakker te worden.
Dat hoeft geen probleem te zijn, zolang u doorgaans weer in slaap valt en overdag voldoende uitgerust bent.
Slaap wordt pas echt een aandachtspunt wanneer u langdurig wakker ligt en daar overdag last van heeft.
Wat als u sinds uw pensioen steeds vroeger wakker wordt?
Vroeger wakker worden komt regelmatig voor naarmate mensen ouder worden.
Misschien wordt u tegenwoordig om half zes wakker, terwijl dat vroeger zeven uur was.
De vraag is vooral of u daar last van heeft.
Gaat u 's avonds vroeg naar bed, slaapt u voldoende en voelt u zich overdag goed? Dan hoeft een vroege wektijd geen probleem te zijn.
Maar wanneer u pas laat kunt inslapen en iedere ochtend toch vroeg wakker wordt, kan er een slaaptekort ontstaan.
Ook kunnen zorgen, lichamelijke klachten, medicijnen of een veranderde dagindeling een rol spelen.
Probeer daarom niet uitsluitend de wektijd te veranderen. Kijk naar uw volledige slaapritme en de activiteiten gedurende de dag.
Waarom voelen donkere winterdagen soms vermoeiender?
Met het ingaan van de wintertijd verschuift het daglicht volgens de klok.
In de ochtend wordt het tijdelijk eerder licht. In de avond wordt het juist eerder donker.
Daar komt bij dat de dagen richting december steeds korter worden.
Daardoor brengen we in de herfst en winter vaak minder tijd buiten door.
Minder daglicht en minder dagelijkse activiteit kunnen invloed hebben op het slaap-waakritme en hoe energiek u zich overdag voelt.
Bij sommige mensen veranderen ook hun stemming en motivatie gedurende de donkere maanden.
Dat betekent niet dat iedereen last krijgt van een winterdip.
Blijf vooral dingen doen waar u plezier aan beleeft: ga naar buiten, spreek af met vrienden, blijf bewegen en zorg voor voldoende afwisseling.
Kan de wintertijd ook invloed hebben op uw evenwicht?
Een enkele nacht wat minder goed slapen betekent niet dat u meteen een groter valrisico heeft.
Wel kan vermoeidheid ervoor zorgen dat u minder geconcentreerd bent of trager reageert.
Vooral wanneer u toch al wat onzeker loopt, is het verstandig daar rekening mee te houden.
Er is bovendien een praktisch verschil: na het ingaan van de wintertijd wordt het vroeger donker.
Daardoor gebruikt u in de namiddag en avond vaker kunstlicht.
Zorg daarom voor goede verlichting bij de trap, in de hal en op de route tussen slaapkamer en toilet.
Een eenvoudig nachtlampje met bewegingssensor kan prettig zijn wanneer u 's nachts uit bed moet.
Wilt u weten waar uw woning comfortabeler en veiliger kan worden ingericht? Bekijk dan onze informatie over de Langer Thuis App, met onder meer een woningcheck en oefeningen.
Moet u medicijnen op een ander tijdstip innemen?
De overgang naar wintertijd kan vragen oproepen wanneer u medicijnen op vaste tijden gebruikt.
Voor de meeste dagelijkse medicatieschema's geeft een verschuiving van één uur geen groot probleem, maar dat geldt niet voor ieder geneesmiddel.
Voor sommige medicijnen is het tijdstip of het aantal uren tussen twee doses belangrijk.
Denk bijvoorbeeld aan bepaalde medicijnen voor diabetes of middelen waarvoor een nauwkeurig innameschema nodig is.
Verander daarom niet op eigen initiatief het innameschema van tijdgevoelige medicijnen.
Twijfelt u of het verzetten van de klok invloed heeft op uw medicatie? Vraag dan uw apotheker wat voor uw geneesmiddel verstandig is.
Helpt melatonine om aan de wintertijd te wennen?
Melatonine is een hormoon dat betrokken is bij uw biologische klok.
Dat betekent niet dat extra melatonine in tabletvorm automatisch helpt om beter te slapen.
Bij gewone slaapproblemen wordt het gebruik van melatoninesupplementen niet standaard aangeraden.
Een verkeerd tijdstip of een ongeschikte dosering kan uw slaapritme zelfs verder verstoren.
Begin daarom niet op eigen initiatief met melatonine om de overgang naar wintertijd op te vangen.
Daglicht, beweging en een regelmatig slaapritme zijn voor de meeste mensen een verstandiger uitgangspunt.
Wanneer is slecht slapen reden om de huisarts te bellen?
Een paar dagen vroeger wakker worden rond de klokwisseling is meestal geen reden tot zorgen.
Maar soms is er meer aan de hand.
Maak een afspraak met uw huisarts wanneer u:
- al weken slecht slaapt en overdag duidelijk minder functioneert;
- regelmatig extreem slaperig bent;
- vaak wakker schrikt doordat u naar adem hapt;
- hard snurkt en ademstops worden opgemerkt;
- veel last heeft van onrustige benen;
- plotseling sterk veranderd slaapt zonder duidelijke oorzaak;
- merkt dat uw stemming of dagelijks functioneren onder uw slaapproblemen lijdt.
Een huisarts kan samen met u kijken naar mogelijke oorzaken en passende behandeling.
Blijf niet zelf experimenteren met slaapmiddelen. Zeker op latere leeftijd kunnen die ongewenste bijwerkingen geven.
Checklist: goed voorbereid op de wintertijd
Controleer welke klokken u handmatig moet verzetten.
Houd zo veel mogelijk vaste tijden aan voor slapen en opstaan.
Ga dagelijks naar buiten voor voldoende daglicht.
Blijf overdag bewegen.
Drink laat op de dag niet te veel cafeïne.
Zorg voor een rustige, comfortabele slaapkamer.
Controleer de verlichting bij de trap en in de hal.
Vraag bij tijdgevoelige medicijnen zo nodig advies aan uw apotheker.
Geef uw lichaam de ruimte om aan het nieuwe ritme te wennen.
Tot slot: een uur verschil, maar geen reden om wakker te liggen
Op zondag 25 oktober 2026 gaat de klok een uur achteruit.
Voor de meeste mensen is dat een kleine verandering. Maar wanneer u al een vroeg slaapritme heeft of wat lichter slaapt, kunt u de overgang naar wintertijd tijdelijk merken.
Probeer er vooral niet te veel mee bezig te zijn.
Ga overdag naar buiten, blijf lekker bewegen en houd uw dagelijkse gewoontes zoveel mogelijk aan.
En wordt u op die eerste zondagochtend een uurtje eerder wakker? Dan kunt u natuurlijk ook gewoon rustig opstaan, een kop koffie zetten en genieten van de ochtend.
Een goede nachtrust laat zich niet afdwingen. Een prettig dagritme helpt vaak meer dan voortdurend naar de klok kijken.